Haïti, een land in herbouw
12 januari 2010. Een aardbeving verwoest Haïti. Meer dan 220.000 personen komen om door de seismische schok en 300.000 raken gewond. Deze catastrofe gooit ook het leven overhoop van 750.000 kinderen die op zijn minst 1 ouder verliezen en van 2.500.000 leerlingen die verstoken blijven van onderwijs.
Het dagelijks leven van meer dan 3 miljoen mensen (30% van de bevolking) wordt als het ware door elkaar geschud. Verstoken van basisproducten en –diensten installeert de helft van hen zich in een van de kampen die inderhaast in de omgeving van Port-au-Prince opgetrokken worden.
Enkele maanden later, terwijl de gevolgen van de aardbeving zich nog goed laten zien en voelen, moeten de Haïtianen nog twee andere rampen het hoofd bieden: de doortocht van verschillende cyclonen en een grootschalige uitbraak van cholera. Deze ziekte, die volledig verdwenen was van het eiland sinds meer dan 100 jaar, besmet meer dan 300.000 personen. 1 zieke op 8 is een kind jonger dan 5 jaar.
![]() |
| © UNICEF/Haïti 2012/Minustah |
Dit eindejaar 2011 blijft het dagelijks leven van de Haïtianen dan ook gekenmerkt door talrijke moeilijkheden en beperkingen. 600.000 mensen leven nog steeds in de geïmproviseerde kampen rond Port-au-Prince. 20% onder hen wordt bedreigd met gedwongen uitzetting en de meerderheid van de bevolking wordt geraakt door de prijsstijging voor basisvoedsel zoals rijst, bonen en olie. Bovendien hebben 440.000 personen ondertussen cholera opgelopen.
Gewapende conflicten, politieke en/of financiële spanningen en epidemieën worden doorgaans gezien als de oorzaak van zowat alle crisissen die de aarde teisteren. Wat de situatie in Haïti kenmerkt, is dat ze al die factoren bundelt tegen een achtergrond van extreme armoede. Het staat dan ook vast dat als de aardbeving niet als enige factor verantwoordelijk gesteld kan worden voor de problemen waardoor de Haïtianen vandaag de dag getroffen worden, ze toch in grote mate heeft bijgedragen aan de uitvergroting ervan.






