Kinderrechten in België onder de loep
Het VN-Comité voor de Rechten van het Kind is niet mals voor België
Op 11 juni 2010 publiceerde het Comité voor de Rechten van het Kind van de Verenigde Naties de slotbeschouwingen – Concluding Observations - gericht aan België. Ze bevatten 88 aanbevelingen, 56 méér dan in 2002. Twee coalities van in totaal 39 ngo’s ter verdediging van de rechten van het kind, de onafhankelijke kinderombudsdiensten en de vertegenwoordigers van de kinderen reageren positief op de aanbevelingen aan de Belgische overheid. De kinderrechtenactoren vragen dat de nieuwe regering hier de nodige aandacht aan schenkt. Zij willen ook gehoord worden tijdens een interparlementaire ontmoeting.
Een kind op de vijf onder de armoedegrens
Niet minder dan zestien aanbevelingen van het Comité hebben betrekking op kinderarmoede. Het Comité is erg verontrust over het geringe budget dat in vergelijking met andere OESO-landen wordt besteed aan sociale uitgaven en over de toenemende kinderarmoede in een rijk land als België. Het Comité spoort België onder meer aan om:
- dringend meer kinderopvangplaatsen te voorzien en te garanderen dat deze toegankelijk zijn voor alle kinderen (slotbeschouwing nr 45);
- snel doelgerichte maatregelen te treffen om de gezondheidszorg toegankelijker en betaalbaarder te maken voor alle kinderen (slotbeschouwing nr 57);
- gelijke toegang tot onderwijs te garanderen, onafhankelijk van de socio-economische status van de ouders (slotbeschouwing nr 67);
- de prestatiekloof in het onderwijs te dichten (België is in deze de trieste recordhouder onder de rijke landen) (slotbeschouwing nr 67);
- dringend werk te maken van een globale benadering van armoedebestrijding, die rekening houdt met de kwetsbaarste groepen (alleenstaande moeders, kinderen van vreemde origine) (slotbeschouwing nr 65).
Het recht op participatie is nog steeds niet gegarandeerd
Heel wat aanbevelingen van het Comité gaan over de participatie van kinderen. Het Comité vraagt met aandrang dat de Belgische overheid het spreekrecht van kinderen in de praktijk brengt in alle administratieve en gerechtelijke procedures die hen aanbelangen.
De kwetsbaarste kinderen - kinderen die in armoede leven, kinderen met een handicap, kinderen met psychiatrische problemen, kinderen op de vlucht of die in aanraking zijn gekomen met het gerecht – dienen eveneens te worden ondersteund en gehoord, ongeacht waar zij verblijven.
Extra aandacht voor kwetsbare kinderen
Kinderen op de vlucht: het Comité voor de Rechten van het Kind meent dat het Belgische onthaalbeleid de mensenrechten niet eerbiedigt, vooral wanneer het gaat om niet-begeleide minderjarige vreemdelingen: geen toegang tot de opvangcentra voor kinderen van 13 jaar die geen asiel aanvragen; plaatstekort in de opvangcentra; kinderen die samen met volwassenen worden geplaatst en gebrek aan voogdij voor niet-begeleide kinderen uit Europa. Ook het gebrek aan een wettelijk verbod op het opsluiten van gezinnen met kinderen – ondanks het invoeren van alternatieven voor opsluiting – wordt benadrukt (slotbeschouwingen nr 75-77).
Kinderen in aanraking met het gerecht: het Comité maakt zich zorgen over de toepassing van het recht voor minderjarigen. Kinderen tussen 16 en 18 jaar kunnen immers nog steeds als volwassenen worden berecht; het recht op een advocaat wordt niet altijd gerespecteerd; kinderen kunnen nog steeds geen rechtsprocedure inleiden; de toevlucht tot opsluiting is buitenmaats; kinderen in detentie hebben weinig contact met hun familie; isolement is een courante praktijk in de federale gesloten instellingen en de gemeentelijke administratieve sancties voor overlast zijn niet conform het Verdrag (slotbeschouwing nr 83).
Kinderen met een handicap: het Comité dringt erop aan dat kinderen met een handicap opgenomen worden in het reguliere onderwijs (slotbeschouwing nr 55).
Kinderen met psychiatrische problemen: het Comité maakt zich ernstig zorgen over kinderen met psychiatrische problemen: lange wachtlijsten, gebrek aan informatie rond de behandeling, kinderen hebben weinig kans om hun mening te geven of hun familie en vrienden te zien, ze worden te vaak in isolatie geplaatst; er is het overmatig toedienen van geneesmiddelen en recent een zeer snelle toename van het aantal geneesmiddelen dat wordt voorgeschreven aan kinderen met gedragsstoornissen, zonder dat er een ernstige diagnose aan voorafgaat. (slotbeschouwing nr 59).
Kinderen die het slachtoffer zijn van geweld: het Comité vraagt aan België om dringend een verbod uit te vaardigen op lijfstraffen tegen kinderen (slotbeschouwing nr 40).
Kinderen in ontwikkelingslanden: slotbeschouwing 30 spoort België aan om minstens 0,7% van het BNP te besteden aan ontwikkelingshulp en erop toe te zien dat kinderrechten een prioriteit worden in de samenwerkingsverdragen met de partnerlanden.
Een gebrek aan coördinatie en middelen
Een van de problemen die het Comité verontrusten, is de coördinatie van het beleid en het verschil in de manier waarop kinderen in ons land worden behandeld. Het Comité spoort België er dan ook toe aan om de bestaande mechanismen op elkaar af te stemmen op alle beleidsniveaus. België dient ook een systeem in te voeren voor permanente gegevensverzameling en meer middelen toe te kennen voor kinderen. Het Comité wil ook weten wat het precieze begrotingsaandeel is dat België besteedt aan het beleid voor kinderen, om te kunnen oordelen of het land er in de loop der jaren in geslaagd is om evenredig met het toegekende budget, de armoede te verminderen.
Ondanks al deze kritiek heeft het Comité voor de Rechten van het Kind er toch op gewezen dat België een van de landen is die het verst gevorderd is op het vlak van mensenrechten, en vooral dan van kinderrechten. België heeft hier op verschillende niveaus een aanzienlijke vooruitgang geboekt.
Context: België onder de loep genomen door de Verenigde Naties
In regel met het Verdrag van de Verenigde Naties inzake de Rechten van het Kind bezorgde België in 2009 een rapport aan het Comité voor de Rechten van het Kind van de Verenigde Naties over de manier waarop het land zijn verplichtingen vervult. Diverse actoren, waaronder de Coordination des ONG pour les droits de l’enfant, de Kinderrechtencoalitie Vlaanderen, de Délégué général aux droits de l’enfant, het Kinderrechtencommissariaat en UNICEF België (project What Do You Think? in samenwerking met de Vlaamse Jeugdraad en de Conseil de la Jeunesse) werden op 1 februari 2010 eveneens gehoord op basis van hun alternatieve rapport. Op 2 juni 2010 hebben de VN-experten de Belgische regering gehoord en hebben vervolgens hun opmerkingen en aanbevelingen aan ons land bezorgd (11 juni 2010). Het Comité voor de Rechten van het Kind pleit er al jaren voor dat die Slotbeschouwingen (Concluding Observations) zo veel mogelijk worden bekendgemaakt en dat de rechten van het kind gekend en begrepen zouden worden door elk van ons, volwassenen en kinderen.
Het alternatieve rapport van de kinderen:
UNICEF België: Het rapport van kinderen in België aan het Kinderrechtencomité
Vlaamse Jeugdraad: http://www.vlaamsejeugdraad.be
Conseil de la Jeunesse: http://www.conseildelajeunesse.be
Het alternatieve rapport van de ngo’s:
Kinderrechtencoalitie Vlaanderen: http://www.kinderrechtencoalitie.be
CODE: http://www.lacode.be
Het alternatieve rapport van de onafhankelijke instellingen:
Kinderrechtencommissariaat: http://www.kinderrechten.be
Délégué général aux droits de l’enfant: http://www.dgde.cfwb.be
Het rapport van de Belgische regering:
Nationale Commissie voor de Rechten van het Kind: http://www.ncrk.be
► De opmerkingen en aanbevelingen van het Comité voor de Rechten van het Kind in het Engels en in het Nederlands
Ondertekenaars: Kinderrechtencoalitie Vlaanderen en Coordination des ONG pour les droits de l’enfant (Coalitie van 39 ngo's) - Kinderrechtencommissariaat en Délégué général aux droits de l’enfant - Vlaamse Jeugdraad en Conseil de la Jeunesse - UNICEF België.
► Meer weten over wat UNICEF België doet tegen armoede bij kinderen? Klik hier.






