Samenvatting van de acties van UNICEF in Haïti
Vóór de aardbeving
UNICEF was al in Haïti aanwezig lang vóór de aardbeving van 12 januari 2010. Ons terreinbureau was er actief op het gebied van:
• WaSH (Water, Sanitation and Hygiene = water, sanitaire voorzieningen en hygiëne)
• Gezondheid / toegang tot gezondheidszorg
• Voeding
• Bescherming (kindsoldaten, straatkinderen, kinderhandel, weeskinderen…)
• Onderwijs
We werkten nauw samen met lokale organisaties, partnerorganisaties van UNICEF en de Haïtiaanse regering, waarbij we ook peidooiacties voerden met betrekking tot kinderrechten. Het grootste deel van deze instellingen en partnerorganisaties van UNICEF zijn nu verdwenen met de aardbeving en zullen tijd nodig hebben om zich te reorganiseren.
De feiten
Op dinsdag 12 januari 2010, juist vóór 17u ter plaatse (23u bij ons), heeft een aardbeving van buitengewone sterkte (7 op de schaal van Richter) de Haïtiaanse hoofdstad Port-au-Prince en omgeving getroffen.
De gevolgen:
• meer dan 222.000 doden (2% van de totale bevolking van het land)
• 310.000 gewonden (waaronder 2.000 à 4.000 personen die minstens één ledemaat verloren)
• 3 miljoen getroffen personen, anders gezegd 1/3 van de totale bevolking (waaronder 1,5 miljoen kinderen)
• meer dan 1,5 miljoen daklozen
• vele kinderen zonder ouderlijke zorg
• vernieling van privé en publieke gebouwen (waaronder 5.000 lagere scholen)
• verwoesting van overheidsinstellingen en mechanismen voor de sociale bescherming van het kind
De context
Haïti is één van de armste landen ter wereld en wordt al jaren geconfronteerd met geweld en een onstabiele politieke situatie. De overheidsstructuren zijn zeer zwak en de basisdiensten (bijvoorbeeld onderwijs) worden dus voornamelijk door de privésector georganiseerd, waarop geen controle bestaat.
Door de grote bevolkingsdichtheid, de sterke demografische groei en de bijna onbestaande infrastructuur is het land extra kwetsbaar voor de gevolgen van natuurampen als overstromingen, modderstromen, orkanen en aardbevingen. De streek van Port-au-Prince is de dichtst bevolkte streek.
Enkele cijfers van de situatie in Haïti net vóór de aardbeving:
• 46% van de bevolking is jonger dan 18 jaar
• 6 kinderen op 100 sterven vóór ze de leeftijd van 8 jaar bereiken en 8 op 100 vóór de leeftijd van 5 jaar
• Één kind op 3 lijdt aan matige ondervoeding en 1 op de 20 aan intense ondervoeding
• 55% van de kinderen die de leeftijd hebben om naar school te gaan, gaan niet naar school
• 173.000 kinderen leven als huispersoneel in andere families (de "restavec")
• 50.000 kinderen in instellingen
• ongeveer 3.000 straatkinderen
In maart is het regenseizoen begonnen, hetgeen gepaard gaat met een heel aantal ziektes: diarree, infecties van de longwegen, knokkelkoorts en malaria. Dit maakt het absoluut noodzakelijk om de hiaten met betrekking tot sanitair, hygiëne en preventieve en verzorgende primaire gezondheidszorgen aan te pakken. Ondertussen wordt ook verwacht dat de hongerkloof dit seizoen (mei-juli) uitzonderlijk zwaar zal zijn. Volgend op de oogst is er nog het gevreesde orkaanseizoen...
UNICEF op het terrein
1,5 miljoen kinderen werden rechtstreeks getroffen door de aardbeving.
Dit zijn de prioriteiten voor UNICEF: elk kind naar school sturen, de stijging van ondervoeding van kinderen verhinderen en het versterken van acties voor de bescherming van kinderen tegen uitbuiting en misbruik.
UNICEF coördineert de acties van de werkgroepen op het gebied van WaSH, voeding, onderwijs en bescherming van kinderen. We co-organiseren ook de vaccinatiesector:
• WaSH (Water Sanitation and Hygiene = water, sanitaire voorzieningen en hygiëne)
• Voeding
• Onderwijs
• Bescherming van de kinderen
• Gezondheid / toegang tot gezondheidszorg
Vandaag krijgen meer dan 1,3 miljoen personen in Port-au-Prince, Jacmel en Léogane ongeveer 5 liter water per dag. UNICEF staat in voor ongeveer de helft van de kosten van het vervoer per vrachtwagen.
Meer dan 5.350 latrines werden reeds gebouwd, voor 267.500 personen. Deze acties werden vertraagd door het feit dat het grondwater dicht bij de oppervlakte ligt en dat vrije plaatsen moeilijk te vinden zijn. UNICEF gaat voort met het coördineren van de versnelling van de sanitaire strategie met de partners.
Daarnaast worden er radioberichten over hygiëne en de behandeling van water uitgezonden op de radio. Ook folders met informatie over deze kwesties worden aan de bevolking uitgedeeld.
134 centra voor de behandeling van ernstige acute ondervoeding worden beheerd door de partners van de voeding werkgroep. UNICEF coördineert deze groep en voorziet financiële en technische assistentie en bevoorrading.
23 voedingscentra voor zuigelingen en jonge kinderen voorzien raadgeving over voeding aan verzorgers en ouders. UNICEF steunt deze centra met financiële en technische assistentie en bevoorrading.
In de getroffen zone werden 80% van de scholen verwoest alsook het Ministerie van Onderwijs. UNICEF levert experts voor technische assistentie en een tent van 72m² zodat het Ministerie ook nu een operationele partner kan zijn voor spoedoperaties in deze sector. UNICEF ondersteunt het ministerie voor:
• de zoektocht naar, en de snelle vorming van 4.400 nieuwe leraars,
• psychosociale steun aan leraars en hun vorming op dit vlak,
• de uitwerking van een grote campagne “ga naar school – terug naar school” (55% van de kinderen ging vóór de aardbeving niet naar school).
UNICEF heeft ook aan zijn partners in het hele land het volgende uitgedeeld:
• meer dan 600 schooltenten van 72 m2,
• 875 "school-in-a-box" kits met pedagogisch materiaal,
• 2.226 recreatie kits,
• 1.500 kits voor de ontwikkeling van het jonge kind
Een aantal kinderen hebben hun ouders verloren of zijn van hen gescheiden geraakt tijdens de aardbeving. Sommigen onder hen zijn opgevangen bij familie of buren. Anderen komen terecht in weeshuizen en crèches. Nog anderen werden naar het buitenland overgebracht voor verzorging. En ten slotte zijn er enkelen die helemaal alleen zijn. Allen hebben zij nood aan bescherming zodat ze kunnen leven, om de traumatische gebeurtenissen te boven te komen en opdat zij uiteindelijk terug kunnen keren naar een zekere normaliteit.
De overheidspartner van UNICEF met betrekking tot bescherming, het Instituut voor Sociaal Welzijn, werd ook zwaar getroffen door de aardbeving en verloor haar staff en gebouwen. UNICEF heeft in een nieuw kantoor onder tenten voorzien en helpt de capaciteit van deze partner weer te versterken.
De officiële inschrijving van niet begeleide kinderen ging van start op 7 februari en telt reeds 500 ingeschreven kinderen. 488 residentiële kinderzorg faciliteiten werden geëvalueerd door UNICEF en het Instituut voor Sociaal Welzijn.
Er bestaan momenteel 78 kindvriendelijke plaatsen in de getroffen zone, die ter plaatse zorg dragen voor de kinderen of die hen doorverwijzen naar andere diensten. Via deze kindvriendelijke plaatsen bereiken psychosociale steun interventies, gesteund door UNICEF, wekelijks meer dan 55.000 kinderen.
UNICEF ondersteunt actief de controle over kinderhandel aan de grenzen en in de bestaande centra en weeshuizen. Preventieberichten worden verspreid door de radio en ook in de kampen.
Meer dan 58.000 kinderen onder de 7 jaar zijn ingeënt tegen mazelen en andere belangrijke vermijdbare ziektes. De vaccinatiecampagne is nog steeds lopende. UNICEF geeft financiële en technische steun en bijstand.
UNICEF heeft ook het volgende aan zijn partners geleverd:
• 120 dringende medische kits (ten gunste van 120.000 mensen voor 3 maanden)
• 15 verloskundige kits (voor de uitvoering van 750 bevallingen)
► Terug naar de algemene pagina "Noodtoestand Haïti"





