Overstromingen in Pakistan: het gebrek aan middelen kan drastische gevolgen hebben
Samenvatting van de activiteiten van UNICEF op het terrein
Situatie op 15 november 2010
De overstromingen die Pakistan in juli getroffen hebben domineren niet langer het nieuws. Nochtans hebben de 20 miljoen slachtoffers, van wie 10 miljoen kinderen, nog steeds niet de draad van hun leven kunnen oppikken. Verre daarvan zelfs.
Eén miljoen mensen bevindt zich nog steeds in een van de 4.700 kampen voor ontheemden in de provincie Sindh. Men schat dat nog altijd 50.000 mensen op smalle landstroken leven, helemaal afgesneden door het water. En in meerdere zones in het zuiden van het land staat vandaag nog op zijn minst 60 centimeter water. In het noorden dreigt de winter meer luchtwegeninfecties met zich mee te brengen.
In de regio’s waar het water is weggetrokken, keren mensen geleidelijk aan terug naar hun huizen. In de zones waar mensen al voor de overstromingen dagelijks strijd leverden om te overleven zijn de bestaansmiddelen aangetast. De meeste gewassen zijn vernietigd, een groot deel van de kudde is verdronken. Het gevolg hiervan is waarschijnlijk een voedseltekort voor de komende jaren.
De omvang van deze humanitaire crisis is immens, zowel wat betreft het aantal getroffen personen, als de landoppervlakte die overstroomd is. Er is dus tijd nodig voor de wederopbouw. De noodsituatie is nog niet voorbij en UNICEF zet zijn werk voort, ondanks het gebrek aan financiële middelen.
De hulpoperaties van UNICEF in Pakistan concentreren zich op water- en sanitaire voorzieningen, op voeding, gezondheid, onderwijs en de bescherming van kinderen:
WASH (drinkbaar water, sanitaire installaties en hygiëne)
Vandaag krijgen 4,3 miljoen mensen drinkbaar water, van wie 2,7 miljoen dankzij UNICEF. Het accent ligt vandaag op de herstelling van watervoorzieningen om zo het aantal mensen dat duurzaam toegang krijgt tot drinkbaar water te vermeerderen. UNICEF heeft al 29 waterzuiveringscentrales geïnstalleerd voor 246.000 mensen.
De teams van UNICEF en zijn partners hebben 16.000 informatiesessies georganiseerd over de risico’s van de verspreiding van ziektes en over hygiëne. 900.000 mensen zijn zo beter geïnformeerd. 770.000 stukken zeep en 135.000 bidons zijn ook uitgedeeld om deze acties te ondersteunen. Ten slotte hebben bijna 1 miljoen mensen toegang tot sanitaire voorzieningen dankzij UNICEF; er zijn 4 miljoen hygiënekits uitgedeeld.
De noden in dit domein zijn immens en er zijn veel te weinig middelen. Als er uiterlijk op 31 december 2010 geen extra fondsen beschikbaar zijn, zullen 1,4 miljoen mensen, van wie 700.000 kinderen, geen drinkbaar water meer hebben. De risico’s op diarree en epidemieën zullen dan sterk groeien.
Vaccinatie en gezondheid
Met de steun van UNICEF is er nog meer gevaccineerd (speciale en routinecampagne in de gezondheidscentra). Zo zijn er al 9,8 miljoen kinderen tegen de mazelen ingeënt en 10,8 miljoen tegen polio.
UNICEF concentreert zich ook op de gezondheid van moeders en pasgeborenen, in een land waar een kind op de tien sterft voor de leeftijd van 5 jaar. 376.000 met insecticiden behandelde muskietennetten zijn uitgedeeld aan zwangere en borstvoedende vrouwen in de strijd tegen malaria. Bovendien verspreiden agentschappen voor de gezondheid van vrouwen sensibilisatieboodschappen over hygiëne, borstvoeding, vaccinaties en zwangerschap.
Voeding
UNICEF is ook bezorgd over ondervoeding bij kinderen. UNICEF ondersteunt 245 voedingscentra en 31 “stabiliseringscentra”. Deze centra helpen 24u/24 kinderen met ernstige ondervoeding en andere complicaties. We verdelen ook met de hulp van onze partners voedingssupplementen, proteïnekoekjes voor zwangere en borstvoedende vrouwen en hun kinderen, melk, verrijkte bloem, noodzakelijke medicijnen…
Bescherming van kinderen
248 vaste “kindvriendelijke ruimtes” en 26 mobiele bieden recreatieve en educatieve activiteiten en psychosociale ondersteuning aan 93.500 kinderen. Tot nu toe zijn 4 van de 23 niet-begeleide kinderen en 349 van de 517 alleenstaande kinderen herenigd met hun families.
Onderwijs
In de grootste kampen zijn 1.552 “tijdelijke leercentra” actief dankzij de steun van UNICEF en de medewerking van leerkrachten van de overheid. Bijna 103.500 kinderen gaan er naartoe. Heel veel scholen dienen nog als opvangplaats voor slachtoffers. Nogmaals, ook hier zijn fondsen nodig om leercentra op te richten voor ontheemde kinderen.
1.436 leerkrachten zijn ook getraind op het gebied van onderwijs in noodsituaties, psychosociale ondersteuning en het organiseren van recreatie-activiteiten.
Te weinig middelen!
Door het gebrek aan financiële middelen kunnen wij niet alle noodzakelijke programma’s voor kinderen en hun families in gang zetten. UNICEF schat dat 251 miljoen dollar nodig is om de noden te dekken tussen augustus 2010 en eind juli 2011.
Slechts 54% hiervan is binnen. UNICEF heeft dus bijna 116 miljoen dollar extra nodig voor zijn noodhulpactiviteiten en voor de heropbouw, in het bijzonder voor gezondheid, hygiëne en sanitair, en onderwijs. Als bijkomende fondsen achterwege blijven in de komende weken, zullen we verplicht zijn om bepaalde programma’s en teams af te bouwen.
Submitted by admin on vr, 2011-10-14 13:16





