UNICEF campagne ”Leren Overleven. Project Noodschool”: parlementairen aan zet

De campagne “Leren Overleven. Project: noodschool” van UNICEF België schakelt, 20 dagen na zijn lancering, een versnelling hoger. Parlementsleden gingen immers in op de uitnodiging van UNICEF België om vandaag tijdens een speciale zitting in de Senaat te luisteren en te praten over het belang van onderwijs tijdens noodsituaties.
Op precies 3 weken tijd, zamelde UNICEF België meer dan 9.000 handtekeningen in (online en via petitieschriftjes) van mensen die wensen dat het onderwijs niet langer het zorgenkind van de humanitaire hulp blijft. De uitdaging is nochtans groot. De meerderheid van de 67 miljoen niet-schoolgaande kinderen in de wereld leeft in landen getroffen door oorlogen, geweld of natuurrampen. Indien we elk kind de kans willen geven om naar school te gaan, dan moeten we vooral voor die kwetsbare kinderen een tandje bijsteken.
Nog te weinig humanitaire spelers (NGO’s, donoren…) zien onderwijs als een integraal onderdeel van het antwoord op een noodtoestand. De middelen voor onderwijs zijn daarom ontoereikend, terwijl de school net cruciaal is voor het herstel van de gemeenschap en de psychosociale opvang van getraumatiseerde kinderen. Onderwijs redt ook letterlijk levens, door bijvoorbeeld eenvoudige gebruiken aan te leren zoals het wassen van de handen met zeep. De school kan op die manier het risico op epidemieën aanzienlijk verminderen. Nog niet zo lang geleden werd dat in Haïti - toen de cholera-epidemie uitbrak - opnieuw duidelijk.
UNICEF België vraagt een duurzame erkenning van het belang van onderwijs als onderdeel van het humanitaire antwoord. Hoewel de petitie van UNICEF België zich voornamelijk richt tot de uitvoerende macht, is het ook belangrijk om de aandacht van de wetgevende macht te trekken. Zij kan de erkenning van onderwijs namelijk vastleggen in wetten en rechtsregels.
De Senaat werd daarom op 26 oktober 2011 het toneel van een interparlementaire ontmoeting in aanwezigheid van Mohamed Fall, educatieverantwoordelijke van UNICEF en coördinator van het educatiecluster in Haïti.
Bestendigen
Via deze interparlementaire ontmoeting wil UNICEF België de volksvertegenwoordigers sensibiliseren over de problematiek, zodat ze zich zouden inzetten om het recht op onderwijs onvoorwaardelijk te erkennen als een integraal onderdeel van het humanitaire antwoord op conflicten en natuurrampen.
Mohamed Fall pleite voor onderwijs in noodsituaties. Hij kon daarvoor rekenen op de onschatbare ervaring die hij opdeed in Afghanistan, na de val van de Taliban; in Banda Aceh (Indonesië), na de tsunami en in de Democratische Republiek Congo, waar een permanente noodsituatie heerst. Tijdens de zitting kwamen 10 aanbevelingen van UNICEF België aan bod waaronder het integreren van onderwijsprojecten in de humanitaire hulpverlening en de aanbeveling om minstens 4% van de noodhulp in onderwijs te investeren, afhankelijk van de noden op het terrein.
Het doel van deze vergadering was natuurlijk niet om te pleiten voor een vermindering van de voedsel– of materiële hulp, die onverkort levens redden en waar UNICEF ook actief aan deelneemt, maar om te waken over de flexibiliteit van noodhulp. Zo kunnen de humanitaire spelers op het terrein doelgericht reageren op de bestaande noden en samen de krachten bundelen voor de oprichting van noodscholen, die kwaliteitsvol onderwijs kunnen aanbieden binnen de eerste uren na de uitbraak van een crisis.
De actie gaat door
De inzet van het parlement kan de beweging die werd ingezet door UNICEF België een nieuwe “boost” geven. Tegen 2013 hoopt UNICEF België 100.000 handtekeningen in te zamelen.
De petitie “Project Noodschool” vraagt daarom nog steeds uw handtekening. Iedereen die zich wil uitspreken voor onderwijs in noodsituaties kan tekenen! U kunt er zelfs uw eigen foto uploaden.
Submitted by svuylsteke on ma, 2011-11-14 17:29





