Haïti, 1 jaar na de aardbeving: het lange traject sinds de eerste hulp
Dit blog item behoort tot het project Noodhulp Haïti
► Download hier het volledige rapport (in het Engels)
![]() |
| Op 3 december 2010 slaapt de kleine ondervoede Christelle Jean Pierre (6 maand) in de armen van de hoofdverpleegster Cristina Benetti nadat ze een kant-en-klare formule kreeg, in een "babyvriendelijke tent". Deze tent wordt ondersteund door UNICEF en beheerd door de Italiaanse ngo AVSI (Voluntary Association for International Service) en bevindt zich in de arme buurt Cité Soleil in Port-au-Prince. Christelle werd naar de tent gebracht door Nadège, 16 jaar, de nicht van haar mama. Nadège zorgt voor Christelle omdat de mama van de baby aan cholera leidt en opgenomen moest worden in het ziekenhuis. © UNICEF/NYHQ2010-2547/Dormino |
Een jaar later zindert de schok van de aardbeving van 12 januari 2010 nog steeds na bij de kinderen in Haïti. 35 seconden die een hele hoofdstad raakten en een reeds extreem arm land met grote tegenstellingen, fragiele infrastructuur en een nijpend tekort aan sociale bescherming verlamden. Meer dan 222.000 personen kwamen om het leven, 310.000 raakten gewond, 4.000 ondergingen een amputatie. 750.000 kinderen werden rechtstreeks door de ramp getroffen.
De hulp kwam snel op gang om te beantwoorden aan zeer dringende noden. In ons land werden honderden solidariteitsacties georganiseerd via de actie “Haïti Lavi 12-12”.
Vandaag leven meer dan een miljoen personen, waaronder 380.000 kinderen, in ongeveer 1.200 overbevolkte kampen. Ze worden er geconfronteerd met moeilijke levensomstandigheden, maar deze zijn vaak beter dan die in de sloppenwijken voor de aardbeving of in sommige landelijke zones. Andere noodsituaties (overstromingen, cholera-epidemie) volgden en maakten de bevolking nog zwakker.
Het werk van UNICEF in Haïti
![]() |
| Jonge meisjes dragen emmers water op een met zandzakken aangelegde weg in Acra, een tentenkamp voor de slachtoffers van de aardbeving in de Juvenat-buurt in Port-au-Prince. Het water van Acra wordt door Save the Children, een partner van UNICEF, geleverd.© UNICEF/NYHQ2010-2569/LeMoyne |
De grote prioriteiten van UNICEF in Haïti waren en blijven onderwijs, water en hygiëne, de bescherming van het kind, voeding en gezondheid.
UNICEF heeft heel wat ervaring met noodoperaties in de wereld. We zijn sinds 1949 aanwezig in Haïti met programma’s voor gezondheidszorg, voeding, water, hygiëne, onderwijs en bescherming van kinderen. We hebben het geluk gehad geen enkel teamlid te verliezen in de aardbeving. Ondanks het verlies van onze kantoren en een deel van de opslagplaats zijn we snel weer aan de slag kunnen gaan. Tussen januari en juli 2010 werden 395 personen ingezet. Momenteel bestaat het UNICEF-team in Haïti uit 255 personen waaronder 85 internationale medewerkers, 127 nationale medewerkers en 43 externe experten.
De acties in de sectoren van water, sanitaire voorzieningen en hygiëne (WaSH), voeding en bescherming van het kind in Haïti worden gecoördineerd door UNICEF. We coördineren ook samen met Save The Children het onderwijs.
Wat er al gedaan werd, in een oogopslag:
- Tijdens de dringendste noodhulpfase leverden de organisaties actief op het vlak van WaSH zuiver water aan 1,2 miljoen mensen (waaronder 680.000 dankzij UNICEF). UNICEF focust vandaag op het onderzoek naar duurzame oplossingen voor de toegang tot zuiver water.
- Vanaf januari 2010 heeft UNICEF samen met zijn partners 11.324 latrines op een totaal van 15.309 latrines geplaatst. Dit is goed voor een totaal van 1,7 miljoen personen.
- 720.000 kinderen in 2.000 scholen werden ondersteund door de nationale campagne “Allen naar school!”. 15.000 leerkrachten kregen eveneens materiaal en een opleiding.
- 94.800 kinderen in de door de aardbeving aangetaste zones hebben dagelijks deelgenomen aan de recreatieve en sportieve activiteiten dankzij het netwerk van 369 “kindvriendelijke ruimtes”.
- UNICEF en de organisaties uit de gezondheidszorg beschermden 1,9 miljoen kinderen door hen te vaccineren tegen 6 ziektes (mazelen, difterie, tetanus, kinkhoest, rodehond en polio).
![]() |
| Kinderen en moeders wachten op bijstand in een "babyvriendelijke tent" in Mais Gaté, een tentenkamp voor slachtoffers van de aardbeving dat dichtbij de luchthaven van Port-au-Prince ligt. De tent biedt ook onderdak aan een opsporingsprogramma voor ondervoeding bij kinderen. UNICEF heeft de tent en een deel van het educatief materiaal geleverd. © UNICEF/NYHQ2010-2590/LeMoyne |
- De ernstige ondervoeding bij kinderen jonger dan vijf jaar is niet gestegen. UNICEF heeft een netwerk van 107 tenten en “babyvriendelijke” hoekjes opgesteld om borstvoeding en goede voedingsgewoonten bij 102.000 kinderen en 48.900 moeders te promoten in tentenkampen. UNICEF ondersteunt therapeutische voedingscentra die het tot nu toe mogelijk hebben gemaakt om 11.250 zeer zwaar ondervoede kinderen te behandelen.
- Eind december heeft cholera 10 departementen getroffen en meer dan 100.000 personen besmet. 2.500 personen stierven reeds. De humanitaire actoren pasten hun werk snel en constant aan in functie van de evolutie van de ziekte, de onzekerheid en de onrust gelinkt aan de verkiezingen.
- UNICEF breidde zijn interventies in de strijd tegen cholera uit om 72 behandelende centra en afdelingen te ondersteunen. We verdelen eveneens zeep en waterzuiveringstabletten, we leiden leerkrachten en kinderen op op het gebied van goede hygiënische praktijken en gezonde voedingsgewoonten om de besmetting te vermijden. 1,5 miljoen kinderen uit 5.000 scholen, 30.000 kwetsbare kinderen uit 300 voedingscentra en meer dan 700 opvangcentra hebben genoten van deze acties.
Financiële, materiële en menselijke middelen ter beschikking van UNICEF
In België zamelde een grootse solidariteitsbeweging bij het publiek en de overheden via de actie “Haïti Lavi 12-12”, waaraan 5 organisaties deelnamen, in totaal 24,7 miljoen euro in. Dankzij deze grote vrijgevigheid kon UNICEF België 8,84 miljoen euro toewijzen aan de acties van UNICEF Haïti. Dit bedrag werd al volledig besteed, wat wil zeggen dat de fondsen op het terrein zijn in Haïti voor de acties van UNICEF en aangewend worden om zo goed mogelijk te antwoorden aan de noden en zich aan te passen aan de realiteit ter plaatse.
Zo behoort ons land tot de belangrijkste donoren voor UNICEF in Haïti. UNICEF België heeft eveneens beslist om Haïti de volgende drie jaar te blijven steunen om alle kinderen naar school te helpen gaan!
![]() |
| Een jongen zegt een gedicht op in een "kindvriendelijke tent" in een tentenkamp op Place Boyer in de gemeente Pétionville in Port-au-Prince. De tente wordt beheerd door de Haïtiaanse ngo Mosaj, die kinderen opleidt in cholerapreventie en psychosociale activiteiten leidt om de kinderen te helpen hun trauma's te verwerken. UNICEF levert diverse benodigdheden aan Mosaj.© UNICEF/NYHQ2010-2662/LeMoyne |
In totaal heeft UNICEF 309,5 miljoen Amerikaanse dollar ontvangen voor zijn acties in Haïti (298,8 miljoen dollar voor de aardbeving en 10,7 miljoen dollar voor de cholera-epidemie), waarvan 70% afkomstig is van privédonoren. Midden december 2010 werd al 63% van het totaal uitgegeven. 25% van de fondsen werden gebruikt voor het onderwijs en 19% voor water, sanitaire voorzieningen en hygiëne.
56,5 miljoen Amerikaanse dollar werd gebruikt voor de aankoop van materiaal dat overeenstemt met de inhoud van 1.240 containers (of 9 km containers indien men deze allemaal achter elkaar zou plaatsen!). 41% van deze aankopen gebeurde ter plaatse. UNICEF heeft ook contracten afgesloten voor een totaal bedrag van 19,1 miljoen dollar, waarvan 15,6 miljoen dollar met Haïtiaanse ondernemingen.
Vandaag beschikt UNICEF over een opslagcapaciteit van 6.500 m2 verdeeld over 8 plaatsen en een team van 255 personen.
Ondanks de moeilijkheden waarmee het land geconfronteerd wordt, mag men niet vergeten dat het door UNICEF, haar partners en de Haïtiaanse bevolking geleverde werk van het afgelopen jaar het mogelijk heeft gemaakt om uitzonderlijke resultaten te behalen en dit moet hoop blijven geven voor de toekomst van Haïti!
De omvang van de uitdaging
Door de uitzonderlijk zware aardbeving en de cholera-epidemie bevindt Haïti zich in een enorm complexe situatie. De uitdaging bestaat erin om te voorkomen dat de vele tijdelijke oplossingen een permanent karakter krijgen. Vanaf het begin ontwikkelde UNICEF zijn noodhulpactiviteiten met het oog op het vinden van betrouwbare en duurzame oplossingen voor het welzijn van de kinderen en hun families (zoals via de bouw van semipermanente scholen bij voorbeeld).
![]() |
| Voorbijgangers lopen langs een ingestort gebouw in het centrum van Port-au-Prince. Een jaar na de aardbeving liggen vele gebouwen nog in puin.© UNICEF/NYHQ2010-2603/LeMoyne |
Het vergt enorm veel tijd om een land na een natuurramp als de aardbeving van 12 januari 2010 weer op de been te helpen. Dit wisten we van het begin en we mogen het niet vergeten. Om een vergelijkingspunt te hebben, kan je je voorstellen dat Brussel (1 miljoen inwoners, zoals Port-au-Prince) volledig vernield zou worden. Ondanks onze moderne middelen en rijke buurlanden, hoeveel tijd zou het vergen voor alle puin geruimd zou zijn, voor onze kinderen opnieuw naar school zouden kunnen gaan, voor de ziekenhuizen opnieuw operationeel zouden zijn en onze administratie opnieuw zou werken…? In ons geval zouden we van “heropbouw” kunnen spreken, maar in het geval van Haïti is het werkwoord “bouwen” eerder aangewezen, want er moet helemaal van nul begonnen worden.
De complexiteit van de toestand blijkt ook uit:
![]() |
| Een klein meisje dat aan cholera leidt, slaapt terwijl ze vloeistoffen via intraveineuze weg krijgt in het cholera behandelcentrum Gheskio dat ondersteund wordt door UNICEF en zich in de arme buurt Cité l'Éternel in Port-au-Prince bevindt. Het toedienen van vloeistoffen via intraveineuze weg heeft tot doel de erge uitdroging tegen te gaan die met de ziekte gepaard gaat.© UNICEF/NYHQ2010-2710/Dormino |
- De context van armoede, grote tegenstellingen en kwetsbaarheid van Haïti (slechts één persoon op vijf had toegang tot toiletten voor de aardbeving),
- Het economische, politieke en sociale centrum van het land werd zwaar aangetast,
- De hoofdstad is zeer dichtbevolkt,
- De zwakke capaciteit om het puin te ruimen,
- De structuur van het grondbezit die moet hervormd worden,
- De opgedoken spanningen tijdens de verkiezingen,
- De onverwachte uitbraak van cholera in oktober die zeer snel het hele land heeft aangetast,
- De doortocht van de orkaan Tomas begin november,
- De zwaar getroffen en in verkiezingen verwikkelde regering die te kampen had met een gebrek aan inkomsten,
- De humanitaire actoren (Verenigde Naties en ngo’s) die ook zwaar geraakt werden.
In deze moeilijke omstandigheden hebben de teams van UNICEF onafgebroken aan de zijde van gouvernementele en niet-gouvernementele partners en de Haïtiaanse bevolking gewerkt om nieuwe hoop te geven en de basis te leggen van een nieuw Haïti voor de kinderen.
Nuttige links:
► Enkele verhaaltjes van ginder
► Om de situatie ter plaatse beter te begrijpen
► Een gift doen
Video's
► Een jaar later vecht Haïti nog steeds tegen de gevolgen van de verwoestende aardbeving van 12 januari 2010. Deze ramp had een diep impact op de kinderen. De hulpacties van UNICEF concentreren zich op de meest kwetsbaren.
► In december 2010, bij het naderen van de "verjaardag" van de aardbeving in Haïti, zochten we Christine, 14 jaar, terug op. We hadden haar vijf maanden vroeger ontmoet. Toen was ze de enige van de drie kinderen in haar familie die naar school kon gaan. Nu gaan haar grote broer en haar kleine zus ook terug naar school en daar is Christine heel blij om.
► Om de video van Christine van enkele maanden geleden terug te zien (in het Engels):
Terug naar het project Noodhulp Haïti











