Het verhaal van Assia, die gedwongen de Centraal-Afrikaanse Republiek moest ontvluchten

In Tsjaad, niet ver van de grens met de Centraal-Afrikaanse Republiek (CAR) hebben de vluchtelingen en teruggekeerden die het conflict in CAR onvluchtten dringend hulp nodig. Ze zijn te bang voor het geweld om terug te keren naar huis.

Assia Issa is een meisje van 10 jaar oud. Ze drukt zich zo zelfzeker uit dat iedereen aandachtig naar haar verhaal luistert:

“We waren bang toen de milities ‘s nachts aankwamen. Alle kinderen huilden en de grootmoeders begonnen te bidden. De mannen en de oudere kinderen hebben ons geholpen om veilig uit het dorp te geraken. We hadden geen tijd om wat dan ook mee te nemen. We hebben alles daar achtergelaten.”

Assia vertelt over haar laatste nacht thuis, in de stad Carnot, 424 km ten noordoosten van Bangui, de hoofdstad van de CAR. Dat was bijna een jaar geleden, rond middernacht. Ze lag rustig te slapen toen ze wakker werd van geweerschoten, die haar dwongen haar dorp te ontvluchten samen met haar grootmoeder.

“We konden de schoten horen en we zagen de kogels over en weer gaan,” legt de grootmoeder van Assia, Anassa Abdoulaye ons uit.” De mannen van het dorp brachten ons een auto en we zijn snel gevlucht naar de grens met Tsjaad. We hebben een maand doorgebracht aan de grens.”

 

Tsjaad, een vreemd land

Vandaag woont Assia met haar grootmoeder in Danamadja, in het zuiden van Tsjaad. Daar is een transitcentrum voor Tsjadiërs die zoals Assia in de Centraal-Afrikaanse Republiek woonden en het conflict ontvlucht zijn.

In de loop van het voorbije jaar heeft het toenemende geweld in het Centraal-Afrikaans land meer dan 150.000 mensen gedwongen om hun toevlucht te zoeken in Tsjaad. De meerderheid zijn Tsjadische migranten, die zich zoals de familie van Assia in de CAR hadden gevestigd. Velen van hen zijn elke band met hun thuisland verloren.

Voor Assia was het leven in Carnot, in de CAR, gemakkelijk. Ze woonde in een groot huis met haar grootmoeder. Haar grootmoeder is een zakenvrouw die kleding opkocht in de buurlanden om ze in Bangui te verkopen. Assia hield van haar leven zoals het was.

“Ik ging naar school en had veel vrienden. Na de lessen ging ik naar huis om mijn grootmoeder te helpen met het huishouden. Daarna ging ik buiten spelen met mijn vriendjes. Ik had veel vrienden.”

Assia en haar grootmoeder waren een van de eerste gezinnen die zich vestigden in het centrum in Danamadja. In het begin was het niet gemakkelijk, maar beetje bij beetje gingen de dingen beter.

“Toen we hier aankwamen was de situatie echt niet goed. Na twee dagen hebben we ons georganiseerd om bomen te vellen, een beetje te poetsen en huizen te bouwen. Daarna kregen we materiaal om ons huis te bedekken. Nu is het veel beter.”

De families die op de site van Danamadja leven, hebben dringend nood aan toegang tot zuiver water, onderwijs en gezondheidszorg.

UNICEF werkt hard samen met zijn partners om tijdelijke scholen op te richten en drinkbaar water en medicijnen te voorzien voor de vluchtelingen en teruggekeerden. We werken ook aan het opzetten van een “kindvriendelijke ruimte” die psychologische steun zal bieden aan de kinderen en het gezinsherenigingsprogramma zal leiden.

Een complexe situatie

“UNICEF zet zich in om zijn inspanningen te verhogen om te verzekeren dat alle kinderen en hun families beschermd zijn en toegang hebben tot essentiële sociale diensten,” zegt Bruno Maes, UNICEF vertegenwoordiger in Tsjaad.

“UNICEF roept de internationale gemeenschap op om zich te mobiliseren. De humanitaire hulp moet versterkt worden om deze complexe situatie die kinderen en vrouwen treft in Tsjaad aan te kunnen pakken.”

Terwijl het merendeel van de ontheemde families zou willen terugkeren naar hun huizen en hun naasten, dwingt de angst voor het geweld en de aanvallen hen om uit de CAR weg te blijven, zoals Assia uitlegt:

“Mijn grote zus mis ik het allermeest. Ze is niet meegekomen naar hier. Het is zo lang geleden dat ik haar nog gezien heb. Als de oorlog gedaan is ga ik terug om haar te bezoeken, maar ik ga niet blijven want ik ben bang. Bang dat als ik terug ben, er een andere oorlog zal beginnen en dat ik daar dan vastzit.”

Steun ons zodat we de kinderen in de vluchtelingenkampen in Tsjaad kunnen helpen!

Doe een gift voor de kinderen
Word Meter of Peter