Hoe de wereld in 2018 tekort schoot om kinderen in conflicten te beschermen

Kinderen bleven ook in 2018 een doelwit in landen getroffen door oorlog en conflicten. Ze werden vermoord, verminkt of gerekruteerd om mee te vechten of ingezet als menselijk schild. Toch slagen wereldleiders er niet in om strijdende partijen verantwoordelijk te stellen voor hun daden.

De duizenden kinderen die werden gedood of verwond raakten in conflicten dit jaar, maken duidelijk dat de wereld tekort is geschoten en de plicht om hen te beschermen niet is nagekomen. Door dit falen zijn er ook kinderen hun huis kwijtgeraakt, hun school, het ziekenhuis in hun buurt en andere basisdiensten die noodzakelijk zijn om te overleven. Ze zien hun toekomst gedwarsboomd door ondervoeding, trauma’s en ziekten.

Rohingyavluchteling Yasin, 6 jaar, in Bangladesh

Van Syrië tot Jemen, van de Democratische Republiek Congo tot Nigeria, van de Centraal-Afrikaanse Republiek en Zuid-Soedan tot Afghanistan, zijn verkrachtingen, gedwongen huwelijken en kidnappingen oorlogswapens geworden. Een overzicht van 2018:

Afghanistan

Geweld en bloedvergieten blijven deel uitmaken van het dagelijks leven in Afghanistan. Bijna 5000 kinderen werden gedood of verminkt tussen januari en september 2018, evenveel als in heel 2017. 87% uit van de burgerslachtoffers door achtergebleven oorlopgsexplosieven zijn kinderen.

Twee meisjes in het zuiden van Afghanistan.

Centraal-Afrikaanse Republiek

Het land is in de greep van gevechten die in 2018 dramatisch zijn toegenomen. Twee kinderen op de drie hebben er nood aan humanitaire hulp. Door het geweld worden steeds meer families gedwongen te vluchten. Daardoor worden ze nog kwetsbaarder
In de chaos raakten vele kinderen gescheiden van hun familie. Ze bevinden zich nu alleen in opvangplaatsen voor ontheemde of dakloze mensen. Ook de graad van ondervoeding bij kinderen heeft een alarmerend niveau bereikt.

Een kind wordt verzorgd voor ernstige acute ondervoeding in een ziekenboeg in Bangui, in de Centraalafrikaanse Republiek.

Democratische Republiek Congo

In het door oorlog geteisterde DR Congo lopen een geschatte 4,2 miljoen kinderen risico op ernstige acute ondervoeding. Een ander gevolg van het geweld is dat de aanpak van de ebola-uitbraak wordt gehinderd. Gewapende groepen plegen gewelddadigheden tegen kinderen, zoals gedwongen rekrutering door gewapende groepen en seksueel misbruik.

Irak

In Irak stierven in november vier kinderen op weg naar school, toen de vrachtwagen waarin ze zaten onder vuur werd genomen. Gezinnen die terugkeren naar hun huizen, die ze hadden moeten verlaten vanwege extreem geweld, lopen gevaar door achtergebleven onontplofte munitie. Duizenden gezinnen zijn nog ontheemd en lijden onder de wintertemperaturen.


Een kind op weg naar school voor ingestortte gebouwen in Irak.

Nigeria

Gewapende groeperingen, met name Boko Haram, blijven meisjes belagen in het noordoosten van het land. Ze worden verkracht en zijn het slachtoffer van gedwongen huwelijken met strijders of worden ingezet als “menselijke bom”. In februari kidnapte de groepering nog 110 meisjes en 1 jongen uit een school in Yobe. De meesten van hen werden ondertussen bevrijd, maar 5 meisjes overleefden het niet en 1 meisje zit nog steeds gevangen.

Palestina

Dit jaar kwamen meer dan 50 kinderen om en honderden geraakten gewond, meestal gedurende betogingen tegen de verslechtering van de leefomstandigheden in Gaza. Kinderen in Israël en Palestina zijn ook blootgesteld aan angst en trauma’s.

Zuid-Soedan

Zowat 6,1 miljoen mensen lijden aan extreme honger door het eindeloze conflict en de onveiligheid. Zelfs toen met de komst van de regen een einde kwam aan het droge seizoen, leeft nog steeds bijna de helft van de bevolking in voedselonzekerheid. Met de belofte op nieuwe vredesbesprekingen is er een glimpje hoop voor de kinderen, maar de berichten over extreem geweld tegen vrouwen en kinderen blijven binnenstromen.

Een kind wordt behandeld voor ondervoeding in Juba, Zuid-Soedan.

Syrië

In Syrië stierven tussen januari en september 870 kinderen – het hoogste aantal sinds het begin van het conflict in 2011. De aanvallen zijn genadeloos blijven doorgaan tot het einde van het jaar. Zo werden in Al Shafa, in het oosten van het land 30 kinderen gedood in november.


Een man draagt een kind in een koffer in Oost-Ghouta, Syrië.

Oost-Oekraïne

Het conflict dat al meer dan vier jaar woedt in Oost-Oekraïne heeft ernstige gevolgen voor het onderwijs. Honderden scholen raakten al beschadigd of werden volledig van de kaart geveegd. Daardoor moeten 700.000 kinderen les volgen in erbarmelijke omstandigheden, temidden van het geweld. Ze lopen gevaar door achtergelaten explosieven. Vooral voor de 400.000 kinderen die vlakbij de frontlinie wonen, vormen het artillerievuur en de anti-persoonsmijnen een dodelijke bedreiging.


Een kind in een verwoeste klas in Oost-Oekraïne.

Jemen

Als gevolg van de oorlog in Jemen lijden 400.000 kinderen aan ernstige acute ondervoeding. 1427 kinderen werden het afgelopen jaar gedood of verwond tijdens aanvallen. Ook zijn scholen en ziekenhuizen vaak het doelwit waardoor kinderen niet naar school kunnen of geen toegang hebben tot gezondheidszorg.

“2019 is het jaar dat het Kinderrechtenverdrag 30 jaar bestaat, de Conventies van Genève bestaan 70 jaar. Toch zijn vandaag de dag meer landen in conflict verwikkeld dan op enig ander moment de afgelopen drie decennia. De kans dat de rechten van kinderen die in conflictgebieden opgroeien worden gerespecteerd is klein. Aanvallen op kinderen moeten eindigen”, aldus Manuel Fontaine, hoofd Noodhulp bij UNICEF. “We mogen nooit geweld tegen kinderen accepteren. We moeten alle strijdende partijen houden aan hun verplichting kinderen te beschermen.”

Hoe helpt UNICEF kinderen in conflicten?

UNICEF werkt samen met zijn partners om ervoor te zorgen dat de meest kwetsbare kinderen toegang krijkgen tot gezondheidszorg, voeding, water, sanitair en hygiëne, onderwijs en bescherming.

Enkele resultaten:

In oktober droeg UNICEF ertoe bij dat 833 kinderen bevrijd werden die waren gerecruteerd door gewapende groeperingen in Noordoost Nigeria. We werken momenteel met deze kinderen om hen te helpen om ze opnieuw te integreren in hun gemeenschap.

Sinds het begin van het conflict in Zuid-Soedan 5 jaar geleden, kon UNICEF al zowat 5400 kinderen herenigen met hun familie.

In Bangladesh kwam UNICEF te hulp aan duizenden Rohingyakinderen gevlucht voor het geweld in Myanmar en gaf ze psychiatrische en psychologische begeleiding om hen te helpen hun trauma’s te boven te komen.

In Irak werkt UNICEF samen met zijn partners om gespecialiseerde zorg te geven aan vrouwen en kinderen die het slachtoffer zijn geworden van gendergerelateerd geweld.