Kasaï : na maanden van geweld, keert Bipendu terug naar school

UNICEF/Rose

Door Yves Willemot

Eind augustus 2017. Ik bezoek de Malandji basisschool in Kananga, de hoofdstad van de provincie Centraal-Kasaï. Het is er een drukte van jewelste. De directeur heeft de ene afspraak na de andere in met moeders die hun kinderen komen inschrijven voor het nieuwe schooljaar. Niets bijzonders zou je zeggen. In duizenden scholen over het hele hand is het even druk. Maar hier in Kasaï is het wel bijzonder.

Een jaar geleden was het een hel in deze regio. Een banaal conflict tussen een lokale traditionele chef en de Congolese overheid is geëscaleerd tot een oorlog die heel Kasaï en zelfs naburige gebieden trof. Kasaï werd het toneel van confrontaties tussen milities en regeringstroepen.

UNICEF/RDC

Florence met haar 3 kinderen. Ze komt Bipendu inschrijven op school. Ondertussen geeft ze de borst aan haar jongste dochter.

Het is in deze context dat ik Florence ontmoet. Op de speelplaats, voor de deur van de directeur staat ze in de rij met haar drie kinderen. Ze vertelt me dat ze niet afkomstig is uit Kananga, maar dat ze uit Tshikapa komt, zowat 250 kilometer verder. Samen met haar kinderen sloeg ze op de vlucht toen de conflicten tussen milities en het regeringsleger ook in haar buurt hoog opliepen. “Twee maanden lang was ik onderweg door de bush. We hadden bijna niets te eten. Het was een echte nachtmerrie. Ik ben naar Kananga gekomen, omdat mijn moeder hier woont. Ik had horen zeggen dat de situatie hier opnieuw veilig was.

Florence is naar de school gekomen om er haar oudste dochter, Bipendu, in te schrijven. « Vorige zondag, in de mis, hoorde ik dat we onze kinderen op school konden inschrijven. Vorig jaar is Bipendu niet naar school kunnen gaan door het geweld en de gevechten. Ik wil niet dat ze nog langer van school wegblijft.»

De directeur laat Bipendu een kort reken- en schrijftest afleggen, om haar niveau te bepalen. Het meisje moet grote inspanningen doen om de eenvoudige rekensom te maken die voor haar ligt. Ze telt op haar vingers en schrijft na een lange poos haar antwoord neer: « 5 + 2 = 7». De schrijftest gaat een pak vlotter. De directeur laat haar weten dat ze naar het derde leerjaar mag gaan. « Ze is een jaar lang niet naar school geweest. Het is normaal dat ze sommige zaken is vergeten. Maar alles zal snel terugkomen, » verzekert hij haar. Iedereen is tevreden.

Voor Florence is het duidelijk. Haar toekomst ligt in Kananga. «In Tshikapa is er nog te veel geweld. Ik kan niet teruggaan, ook al is het voor ons niet makkelijk in Kananga.» Florence heeft geen werk en geen vast inkomen. Ook haar moeder is erg arm. « Met enkele losse baantjes hier en daar, kan ik me redden, » verzekert ze me.

Kinderen lopen blootsvoets op de stoffige speelplaats. Kinderen zijn aan het rondrennnen op de speelplaats in Kananga. De meesten van hen zijn niet naar school kunnen gaan vorig jaar.

UNICEF is al jarenlang aanwezig in Kasaï. We werken er vanuit twee bureaus, in Kananga en in Mbuji-Mayi. Naar aanleiding van het geweld, hebben we onze programma’s aangepast en uitgebreid. Sinds het begin van de crisis, hebben we hulp kunnen bieden aan 220.000 mensen, met gezondheidszorg, voedselhulp, bevoorrading van zuiver water, toegang tot onderwijs en kinderbescherming. De meest kwetsbare families krijgen basisbenodigdheden en een eenmalige financiële bijdrage in cash van 100 US$ om hun leven weer op te bouwen.
UNICEF heeft al haar teams gemobiliseerd om de noodsituatie in Kasaï het hoofd te bieden.

Voor we afscheid nemen, vraagt Florence me de volgende boodschap door te geven: «Ik vraag aan iedereen die oorlog voert, ermee te stoppen. Oorlog brengt niets positiefs. Ik wil dat mijn land in vrede kan leven. »

Yves Willemot is communicatieverantwoordelijke in het bureau van UNICEF in de DRC. Voordien was hij algemeen directeur van UNICEF België en communicatieadviseur voor het regionaal bureau van UNICEF in West-en Centraal-Afrika.

Blijf op de hoogte van onze activiteiten in België en in de wereld