Voor Mozambique begon 2021 met zware stortregens, storm en overstromingen. Cycloon Eloise trof een regio die nog aan het herstellen was van de verwoestingen van cycloon Idai, minder dan twee jaar daarvoor, toen huizen werden weggevaagd, gezinnen ontheemd raakten en vele mensen het moeilijk kregen om aan voedsel te geraken. 

Cycloon Eloise toonde eens te meer aan dat de klimaatcrisis een kinderrechtencrisis is. Het zijn de kinderen zijn die het meest lijden onder extreme weersomstandigheden veroorzaakt voor klimaatverandering. Dringend actie is nodig om de weerbaarheid van kwetsbare gemeenschappen te versterken.
 

Na 6 jaar oorlog is het leven voor veel kinderen in Jemen een hel. Jaren van gewapend conflict en economische achteruitgang, de COVID-19-pandemie en een ernstig tekort aan financiële middelen voor de humanitaire hulpverlening hebben het land naar de rand van de afgrond gebracht. Bijna ieder kind in Jemen heeft nood aan humanitaire hulp. 

In februari trekt UNICEF samen met 3 andere VN-agentschappen aan de alarmbel dat acute ondervoeding de helft van de kinderen onder de 5 jaar bedreigt. Dit is het hoogste niveau van ernstige acute ondervoeding dat in Jemen werd geregistreerd sinds de escalatie van het conflict in 2015.

UNICEF-teams werken de klok rond om zoveel mogelijk kinderen te bereiken, maar ze hebben jouw hulp nodig. 

Eén jaar sinds het begin van de COVID-19-pandemie geven data aan dat het welzijn van kinderen erop achteruit is gegaan. Het aantal kinderen dat honger lijdt, geïsoleerd is, misbruikt wordt, angstig is, in armoede leeft of gedwongen wordt te huwen, is toegenomen. De toegang tot onderwijs, sociaal contact en essentiële diensten zoals gezondheidszorg, vaccinatie, voeding en bescherming is dan weer afgenomen. Het is dan ook van het grootste belang dat kinderen centraal staan in het herstelbeleid. 

Het conflict in Syrië ging in maart 2021 het tiende jaar in. Ieder jaar dat de oorlog voortduurt, duwt een hele generatie kinderen dieper in de armoede en ontneemt hen steeds meer kansen. 

Hun situatie is uiterst precair: bijna 90 procent van de kinderen heeft humanitaire hulp nodig, een stijging met  20 procent tegenover 2020. Honderdduizenden kinderen hebben ernstige groeiachterstand als gevolg van chronische ondervoeding en de voortdurende blootstelling aan geweld, schokken en trauma’s heeft een aanzienlijke impact op hun geestelijke gezondheid, met gevolgen op zowel korte als lange termijn.

2,5 miljoen kinderen zijn ontheemd in Syrië en miljoenen anderen zijn gevlucht naar buurlanden zoals Libanon, Jordanië, Irak, Turkije, Egypte en verder.   

Onze teams zijn al sinds het begin van het conflict in Syrië en de hele regio en werken dag en nacht om kinderen te beschermen en ervoor te zorgen dat ze veilig en gezond zijn en kunnen leren.  

Zes maanden na het begin van het conflict in Noord-Ethiopië is de situatie van gezinnen in Tigray uiterst schrjnend. Midden april zijn al meer dan een miljoen mensen op de vlucht voor de aanhoudende gevechten. Kinderen worden in de verwarring van hun ouders en verzorgers gescheiden en lopen gevaar het slachtoffer te worden van geweld en uitbuiting. Nog eens tienduizenden kinderen kampen met levensbedreigende ondervoeding. Door het aanhoudende geweld zijn gezondheidscentra niet meer operationeel en wordt de waterinfrastructuur systematisch beschadigd, met extreme schaarste van zuiver drinkwater tot gevolg. 

Uit een UNICEF-rapport dat gepubliceerd werd in mei bleek dat Oost-Oekraïne sinds 2017 al ongeveer 380 aanvallen op waterinfrastructuur te verduren had gekregen. Maar al te vaak wordt de afhankelijkheid van water tijdens conflicten uitgebuit en wordt de toegang tot water verhinderd door de infrastructuur te beschadigen. Aanvallen op water zijn aanvallen op kinderen. Ze brengen de de gezondheid en het leven van miljoenen kinderen in gevaar in conflicten over de hele wereld.

Een dodelijke piek van het aantal COVID-19-gevallen in Zuid-Azië – een regio waar bijna 2 miljard mensen wonen - legde een enorme druk op de gezondheidszorg en oversteeg de capaciteit van de ziekenhuizen. Op het hoogtepunt van de crisis werden elke seconde meer dan drie nieuwe COVID-19-infecties geregistreerd en ook het sterftecijfer in de regio steeg sterk. Er was een acuut tekort aan zuurstof. UNICEF reageerde onmiddellijk. We installeerden zuurstofinstallaties en leverden zuurstofconcentratoren en andere essentiële medische benodigdheden aan.

Het Israëlisch-Palestijnse conflict dat al bijna 100 jaar aansleept, heeft geleid tot een humanitaire crisis voor gezinnen op de Westelijke Jordaanoever en in de Gazastrook. Het zijn de kinderen in Gaza die het er het meest onder lijden: meer dan 1,2 miljoen kinderen hebben humanitaire hulp nodig.  

Eind mei escaleerden de spanningen in de Gazastrook. Meer dan 60 kinderen werden gedood en honderden raakten gewond. Gezinnen werden uit elkaar gerukt en 30.000 kinderen moesten hun huizen verlaten. Heel wat scholen en gezondheidsvoorzieningen in Gaza raakten beschadigd en huizen en kantoren werden platgegooid. Ook in Israël raakten scholen, huizen en gebouwen beschadigd.

Al voor de escalatie van het geweld had een op de drie kinderen in Gaza hulp nodig voor de trauma’s die ze opliepen in hun jonge leven.  

UNICEF is al meer dan vier decennia ter plaatse in de Gazastrook en werkt samen met andere humanitaire partners om levensreddende hulp te bieden en ervoor te strijden dat de kinderrechten worden gerespecteerd.  
 

Tien jaar na de onafhankelijkheid van Zuid-Soedan hebben meer kinderen dan ooit tevoren dringend humanitaire hulp nodig. Geweld en conflicten, overstromingen, droogtes en andere extreme weersomstandigheden als gevolg van de klimaatverandering, en een steeds diepere economische crisis hebben geleid tot grote voedselonzekerheid en een van de ergste humanitaire crises ter wereld.

Afghanistan was al een van de gevaarlijkste plaatsen ter wereld om kind te zijn. Sinds de crisis in augustus escaleerde, lopen kinderen meer gevaar dan ooit. Door het conflict dat al 40 jaar aansleept, de aanhoudende droogte, torenhoge voedselprijzen en de verspreiding van COVID-19 gaat het land gebukt onder een humanitaire crisis. Vele Afghaanse kinderen hebben emotionele en fysieke littekens door de uiterst moeilijke levensomstandigheden die geen enkel kind ooit zou mogen meemaken. 

UNICEF is al 65 jaar in Afghanistan en blijft ook nu ter plaatse om zich in te zetten voor ieder kind en iedere vrouw in Afghanistan. 

Een krachtige aardbeving in Haïti verwoestte in augustus huizen, scholen en ziekenhuizen. Al voor de ramp stond Haïti op de rand van de uitputting door de vele crisissituaties die elkaar opvolgen: politieke instabiliteit, criminaliteit, bendegeweld en onveiligheid, extreme armoede, voedselonzekerheid en COVID-19. De aardbeving met een kracht van 7.2 op de schaal van Richter trof ongeveer 1.2 miljoen mensen. UNICEF stond meteen klaar om ervoor te zorgen dat ze toegang kregen tot gezondheidszorg, zuiver water en onderdak. 

In september vestigde UNICEF de aandacht op de onderwijscrisis veroorzaakt door COVID-19. Schoolkinderen over de hele wereld verloren naar schatting 1,8 biljoen lesuren in de klas sinds de start van de COVID-19-pandemie. Leerlingen zijn daardoor niet alleen afgesneden van onderwijs, maar ook van andere voordelen die scholen bieden, zoals schoolmaaltijden. 

UNICEF dringt er bij de regeringen, de plaatselijke autoriteiten en de schoolbesturen op aan de scholen zo snel mogelijk te heropenen en alle mogelijke maatregelen te nemen om de overdracht van het virus in scholen tegen te gaan.  

De ontwikkeling van veilige en doeltreffende COVID-19-vaccins is een enorme stap voorwaarts in de wereldwijde inspanningen om een einde te maken aan de pandemie en weer zonder beperkingen de dingen te kunnen doen die we leuk vinden met de mensen van wie we houden. Maar niet iedereen heeft toegang tot de vaccins. Door de vaccinongelijkheid zijn de lagere-inkomenslanden - waarvan er veel in Afrika liggen – volledig overgeleverd aan COVID-19. In oktober roepen influencers uit heel Afrika in een brief leiders van de G20 op om dringend de doses te leveren die ze beloofd hebben.

Om er mee voor te zorgen dat COVID-19-tests, -behandelingen en -vaccins rechtvaardig worden verdeeld over alle landen wereldwijd, werd het COVAX-initiatief opgericht. UNICEF kreeg hierbij de opdracht de aankoop en distributie van al deze materialen te coördineren.
 

Klimaatverandering is vandaag de grootste bedreiging voor de huidige generatie kinderen en jongeren wereldwijd. Wie nu jong is loopt niet alleen meer kans blootgesteld te worden aan klimaatellende, kinderen zijn ook kwetsbaarder dan volwassenen voor extreme weersomstandigheden, giftige chemicaliën en de ziekten die ze veroorzaken. 

Ernstige droogte, cyclonen, hittegolven, luchtverontreiniging en waterschaarste ondermijnen zowat alle kinderrechten: het recht van kinderen op schone lucht, voeding, zuiver water, gezondheid, huisvesting, onderwijs, en zelfs het recht om te overleven. UNICEF was in november aanwezig op COP26, de klimaatconferentie van de VN, om ervoor te zorgen dat de klimaatcrisis wordt erkend als een crisis voor kinderen en hun rechten.
 

Orkaan Rai (plaatselijke naam tyfoon Odette) richtte op 16 december enorme schade aan op de Filipijnen. 845.000 kinderen hebben dringend hulp nodig. Ze hebben nood aan voedsel, water, medicijnen, kleding, kookgerei en slaapgerief. Daarnaast is er ook een grote vraag naar tijdelijk onderdak en tenten.

UNICEF-medewerkers zijn ter plaatse en zorgen samen met de Filipijnse regering en partners voor de distributie van zaken zoals water, hygiënepakketten en voeding. Daarnaast zet UNICEF zich ook in op vlak van onderwijs en kinderbescherming.