Het gewapend conflict in Oost-Oekraïne gaat het achtste jaar in en blijft een zware tol eisen van de burgerbevolking: het staakt-het-vuren wordt steeds vaker geschonden waardoor steeds meer huizen, scholen, gezondheidscentra, watervoorzieningen en sociale infrastructuur die in de vuurlinie liggen beschadigd raken.
Na 8 jaar conflict hebben 3.4 miljoen mensen in het oosten van Oekraïne nood aan humanitaire hulp, waarvan 510.000 kinderen en sinds het begin van het conflict zijn tienduizenden burgers gedood of verwond. Minstens 148 kinderen lieten het leven.
De situatie is bijzonder ernstig voor de bijna 510.000 meisjes en jongens die in de gebieden wonen waar de gevechten het hevigst zijn, namelijk Donetsk en Luhansk, binnen de 20 kilometer van de contactlijn.