Secure payment
Bijgewerkt op 20 maart 2026
Volgens de laatste berichten van 27 maart 2026 zijn al 121 kinderen gedood en 395 gewond geraakt door de escalatie van de vijandelijkheden. De luchtaanvallen in Zuid-Libanon, Beiroet en de Bekaa breiden zich uit naar nieuwe gebieden, zoals het district Saida, waardoor steeds meer mensen opnieuw moeten vluchten. Veel gezinnen verblijven in overvolle collectieve schuilplaatsen of in zeer precaire omstandigheden.
De escalatie van het geweld heeft geleid tot een massale en razendsnelle verplaatsing van de bevolking. In slechts drie weken tijd zijn meer dan 370.000 kinderen gedwongen hun huis te ontvluchten — gemiddeld 19.000 per dag. In totaal is bijna 20% van de Libanese bevolking, meer dan een miljoen mensen, ontheemd geraakt, vaak al voor de tweede, derde of zelfs vierde keer. Door het schrijnende tekort aan opvangmogelijkheden slapen sommigen zonder enige vorm van bescherming, terwijl duizenden anderen vastzitten in moeilijk bereikbare gebieden. Velen kunnen niet vertrekken vanwege de voortdurende onveiligheid, een gebrek aan transport of uit angst hun huis en bron van inkomsten voorgoed te verliezen.
Deze nieuwe golf van verplaatsingen vindt plaats terwijl kinderen nog niet hebben kunnen herstellen van de vorige escalatie, 15 maanden geleden, waardoor psychologische trauma’s en gevoelens van onveiligheid sterk worden verergerd. Gezinnen slaan vaak op de vlucht met nauwelijks bezittingen en worden gedwongen zich in korte tijd herhaaldelijk te verplaatsen.
Ongeveer 435 openbare scholen dienen momenteel als opvangcentra, waardoor het onderwijs van meer dan 115.000 leerlingen wordt onderbroken. Tegelijkertijd staan basisvoorzieningen zoals gezondheidszorg, water, sanitaire voorzieningen en elektriciteit zwaar onder druk. Watertanks en pompstations zijn vernietigd, waardoor tienduizenden mensen geen toegang meer hebben tot drinkwater.
De afgelopen jaren heeft het land bovendien een opeenstapeling van andere grote crises doorgemaakt: de verwoestende explosie in de haven van Beiroet en een economische ineenstorting die het land vijf jaar lang heeft lamgelegd.
Kinderen en hun gezinnen leven voortdurend in angst en in zeer moeilijke omstandigheden nu het geweld aanhoudt en er steeds minder veilige mogelijkheden zijn om te vluchten. Nu de behoeften van de bevolking toenemen, schalen we samen met onze partners onze noodhulp op om kinderen en gezinnen op de vlucht te ondersteunen en tegelijk bestaande uitdagingen aan te pakken:
- We voorzien dringende hulp zoals water, sanitaire voorzieningen en hygiëneproducten (WASH), en ondersteunen zo duizenden gezinnen in opvangcentra;
- We delen energierijke koekjes, babykits, dekens en winterkleding uit;.
- We zorgen ervoor dat kinderen beschermd worden door hen op te sporen, te ondersteunen en psychosociale hulp te bieden, met extra aandacht voor niet-begeleide kinderen;
- We helpen kinderen om te blijven leren door leermaterialen te verdelen en toegang tot online en flexibel onderwijs te voorzien;
- We leveren essentiële medicijnen en medische benodigdheden om de gezondheidszorg draaiende te houden;
- We breiden onze bestaande programma’s en aanwezigheid op het terrein uit om zoveel mogelijk gezinnen te bereiken, ook in moeilijk toegankelijke gebieden, met aandacht voor inclusieve en veilige hulpverlening.
UNICEF roept op tot ongehinderde humanitaire toegang, een onmiddellijke stopzetting van de aanvallen op civiele infrastructuur en een staakt-het-vuren. Honderdduizenden kinderen die ontheemd zijn geraakt hebben dringend nood aan veiligheid en stabiliteit.
Wil je graag meer weten over humanitaire crises en de impact ervan op de rechten van kinderen?
Luister dan naar de derde aflevering van onze podcast ‘Time to Talk’.