Vrouwenbesnijdenis

Wat is vrouwenbesnijdenis ?

De term vrouwenbesnijdenis/vrouwelijke genitale verminking omvat alle ingrepen waarbij een deel van of het volledig uitwendig vrouwelijk geslachtsorgaan wordt weggesneden en/of alle andere letsels aan het vrouwelijk geslachtorgaan die geen therapeutisch doel dienen. We onderscheiden vier types, afhankelijk van de impact van de letsels aan het geslachtsorgaan.

Vanuit het perspectief van de mensenrechten is genitale verminking, van welke aard ook, een schadelijke praktijk, een schending van de mensenrechten van meisjes en vrouwen (met inbegrip van het recht op gezondheid, lichamelijke integriteit, bescherming en, in extreme gevallen, het recht op leven) en een vorm van geweld.

Vrouwelijke genitale verminking is een traditionele praktijk die zware gevolgen heeft voor de gezondheid van meisjes en vrouwen, vooral:

  • bloedingen en/of ontstekingen (van de urinewegen en de geslachtsorganen, de vorming van abcessen) kunnen leiden tot sterfte;
  • de overdracht van aids, hepatitis en andere ziekten;
  • incontinentie;
  • verhoogd risico op bloedingen en infecties tijdens de bevalling;
  • pijn tijdens het vrijen;
  • psychologische en seksuele problemen, onvruchtbaarheid;
  • stoppen met school…

In West- en Centraal-Afrika wordt deze genitale verminking meestal uitgevoerd door traditionele beoefenaars, maar de “medicalisering” van de praktijk, die dan uitgevoerd wordt door gekwalificeerd personeel, neemt in een aantal landen toe. Vrouwenbesnijdenis wordt meestal uitgevoerd op meisjes tussen 5 en 14 jaar, maar in Mali en Mauritanië wordt het merendeel van de meisjes besneden vóór hun 5 jaar.

Waar wordt genitale verminking toegepast?

Genitale verminking bestaat overal ter wereld, maar het komt het vaakst voor in 28 landen in Afrika beneden de Sahara en het Midden-Oosten, waar elk jaar drie miljoen meisjes en vrouwen deze praktijk ondergaan. Vooral in Soedan en Egypte is de praktijk alomtegenwoordig.

Het percentage besneden vrouwen verschilt aanzienlijk van land tot land. Dit komt door de aanwezigheid van verschillende etnische gemeenschappen met verschillende houdingen en praktijken inzake genitale verminking. De 18 landen van West- en Centraal-Afrika waar de praktijk wordt uitgevoerd, kunnen we in drie groepen indelen:

  • In Mali, Guinee en Sierra Leone, is het gemiddelde percentage besneden vrouwen hoger dan 80%, dit betekent dat bijna alle vrouwen besneden zijn.
  • In Burkina Faso, Ivoorkust, Gambia, Guinee-Bissau, Liberia, Mauritanië, Centraal-Afrikaanse Republiek, Senegal en Tsjaad, ligt het gemiddelde percentage besneden vrouwen tussen 25 en 79 procent. Enkel sommige etnische groepen passen deze praktijk toe, met wisselende intensiteit.
  • In Benin, Kameroen, Ghana, Niger, Nigeria en Togo is het gemiddelde percentage besneden vrouwen laag, tussen 1 en 24 procent. Ook hier passen alleen sommige etnische groepen de praktijk toe.

Deze verschillen tonen aan dat de praktijk van de genitale verminking of vrouwenbesnijdenis evolueert. In Irak, Liberia en Nigeria is de uitvoering met de helft gedaald op een generatie tijd. Ook hoopvol is de tegenkanting die bestaat tegen vrouwenbesnijdenis. De meerderheid van de bevolking in de landen waar deze praktijk nog uitgevoerd wordt, kant zich tegen genitale verminking. Uit enquêtegegevens blijkt dat meer dan 50 procent van de vrouwen in Burkina Faso, Ivoorkust, Guinee-Bissau, Nigeria en Senegal de stopzetting van de praktijk ondersteunt. In Mali, daarentegen, is slechts 16 procent van de vrouwen voorstander van de afschaffing van de praktijk.

En in België?

Genitale verminking komt in België zelden voor. Als de praktiserende gemeenschappen zich in westerse landen vestigen, blijven zij soms jonge meisjes besnijden. Hun familie doet een beroep op een geïmmigreerde besnijdster of stuurt het meisje op vakantie naar het land van herkomst om het daar te laten doen.

Genitale verminking is strafbaar in België; het is niet alleen opgenomen in het strafwetboek, maar ook in het burgerlijk wetboek. Als een meisje het risico loopt om verminkt te worden, kan het aan één ouder worden toegewezen of in bescherming worden genomen. De bevoegde instanties houden bij asielaanvragen om humanitaire redenen ook rekening met een eventueel risico op verminking van jonge meisjes bij terugkeer naar het land van oorsprong. De Belgische wetgeving gaat dus ver in de bescherming van jonge meisjes en vrouwen. Er bestaan ook gespecialiseerde organisaties en steungroepen die aan preventie doen, praatgroepen organiseren en individuele hulp bieden.

Waarom wordt vrouwenbesnijdenis nog toegepast?

Vrouwelijke genitale verminking wordt om verschillende redenen toegepast:

  • Seksuele: om de vrouwelijke seksualiteit te beheersen of terug te dringen.
  • Sociologische: om meisjes bijvoorbeeld in te wijden in het vrouw worden, om sociale integratie en maatschappelijke cohesie te handhaven.
  • Hygiënische en esthetische: wanneer het vrouwelijk geslachtsorgaan als vies en lelijk gezien wordt.
  • Sanitaire: de misvatting dat deze praktijk de vruchtbaarheid en de overlevingskansen van kinderen bevordert.
  • Religieuze: in de onjuiste veronderstelling dat het een religieuze verplichting is.

Genitale verminking vloeit voort uit een complex systeem van overtuigingen. Gemeenschappen zetten hun gewoontes en tradities verder. In vele gevallen beseffen familieleden dat deze praktijk fysiek en psychologisch leed berokkent aan hun dochters, maar vinden ze dat ze doen wat nodig is om hun dochter voor te bereiden op haar volwassen leven en op het huwelijk.

De praktijk geeft een gevoel van trots, vormt de overgang naar de volwassenheid en geeft een gevoel van verbondenheid met de gemeenschap. Voor de praktiserende gemeenschappen staat vrouwenbesnijdenis garant voor een sociale positie, de mogelijkheid van een huwelijk, kuisheid, gezondheid, schoonheid en de eer van de familie. Ondanks het protest tegen besnijdenis voelen vele moeders zich sociaal verplicht hun dochter te laten besnijden. Meisjes krijgen te maken met discriminatie omdat ze niet besneden zijn.

Wat doet UNICEF?

UNICEF wil tegen 2020 een einde maken aan vrouwelijke genitale verminking. Dit ambitieus doel kan met uw steun gehaald worden. Vorming op basis van de mensenrechten staat centraal in alle programma’s die UNICEF België ondersteunt. Werken rond een gevoelig thema als vrouwenbesnijdenis, met een zware culturele lading, vraagt veel voorzichtigheid, sensibilisering en respect.

UNICEF zet in op twee domeinen: het pleidooiwerk bij officiële instanties om wetten en structuren aan te passen, en de sensibilisatie van de bevolking om zo de gewoonten en de mentaliteit te veranderen.

  • Samen met de overheden van de 29 landen waar besnijdenis nog steeds een reëel gevaar is voor meisjes, willen we verder werken om deze pijnlijke en traumatische praktijk volledig te verbannen.
  • Eerst en vooral moet er een wettelijke basis bestaan, maar even belangrijk is open communicatie en publieke controle. Gemeenschappen die geen meisjes meer besnijden samen zetten met groepen die dit wel nog doen, is een goede stap. Een constructieve dialoog tussen deze groepen kan een deel van de vooroordelen wegnemen.
  • Ook onderwijs speelt een heel belangrijke rol. We zien het gebruik van besnijdenis bij meisjes afnemen, naarmate hun moeder langer naar school is gegaan.

Steun de strijd tegen genitale verminking met een gift of word Meter of Peter!

  • Voor 30 euro kunnen we 20 leerboeken kopen voor vrouwen die deelnemen aan vormingen over genitale verminking. Zo kunnen we vrouwen en moeders beter informeren over het gevaar van deze praktijk en hen overtuigen om meisjes niet te laten besnijden.
  • Voor 58 euro kunnen tien religieuze leiders een vorming krijgen over de gevaren van genitale verminking. Dat is belangrijk om deze traditie te stoppen.
  • Voor 120 euro financieren we de deelname van twee gezondheidsmedewerkers aan een preventiecursus over genitale verminking gedurende 10 maanden.

Doe een gift voor de kinderen
Word Meter of Peter