Armoede

Vraag UNICEF België

Hoe zult u als partij een betere bescherming realiseren voor kinderen die zich in een armoedesituatie bevinden de komende 5 jaar?

Download hier de antwoorden van alle politieke partijen 


Antwoorden politieke partijen

Hieronder vind je de standpunten van de politieke partijen (alfabetisch gerangschikt) rond het thema armoede. De antwoorden zijn gepubliceerd zoals ze ons werden toegestuurd, zonder enige wijzigingen, noch in de tekst noch in de lay-out.

Lees het antwoord van CD&V :[read more]

Armoede en ook armoede bij kinderen is een complexe problematiek. De aanpak van armoede moet dan ook zowat elk aspect van het leven omvatten om tot de gewenste resultaten te komen. Voor CD&V is de strijd tegen armoede een belangrijke prioriteit. Hieronder een selectie van maatregelen uit ons programma.

Het optrekken van uitkeringen en vervangingsinkomens tot boven de armoedegrens: Hiermee willen we aan elk gezin een menswaardig inkomen garanderen.

We zetten in op extra (inkomensafhankelijke) kinderopvangplaatsen met specifieke aandacht voor flexibele kinderopvang. Zo zorgen we dat kinderen die een plaats nodig hebben ook terecht kunnen in kwaliteitsvolle opvang. Hiermee willen we ook naast de economische de pedagogische en sociale functie van kinderopvang ten volle tot z’n recht laten komen. Zeker kinderen uit kwetsbare gezinnen kunnen hier voordeel uit halen m.b.t. hun ontwikkeling.

We laten het groeipakket verder groeien door een verdere gezinsmodulering voor de sociale toeslagen. Zo maken we deze nog meer fijnmazig zodat gezinnen dit het financieel moeilijker hebben dat duwtje in de rug krijgen.

We maken werk van sociale versterkingen. Deze zetten we in naast een sterke universele sociale bescherming om specifieke groepen die het moeilijk hebben te ondersteunen. We zorgen dat deze zoveel als mogelijk automatisch toegekend worden en indien dit niet mogelijk is, dat het ‘only once’ principe geldt (gegevens moet je maar één keer delen met de overheid om verschillende rechten te openen). Verder maken we deze zo veel mogelijk inkomensafhankelijk en zorgen we voor tapering (geleidelijk op op-/afbouwen van tegemoetkomingen in plaats van 1 grensbedrag en een alles of niets voor wat betreft de tegemoetkoming). Een goed voorbeeld zijn de schooltoelagen, die ondertussen geïntegreerd in het groeipakket automatisch worden toegekend.

Verder zetten we ook in op meer sociale huurwoningen en huursubsidies, uitbreiden van de ‘housing first’ methodiek in de strijd tegen dak- en thuisloosheid, betaalbaar onderwijs, goede dienstverlening via bv. de Huizen van het Kind, goede aansluiting van jongeren op de arbeidsmarkt, meer tewerkstellingskansen voor mensen uit kwetsbare groepen, een algemene derdebetalersregeling bij de huisarts …

[/read]

Lees het antwoord van GROEN :[read more]

Kinderen in armoede leven in arme gezinnen. Daarom is een beleid tegen kinderarmoede eigenlijk een beleid dat armoede tout court bestrijdt. Iedereen heeft recht op een menswaardig bestaan en dus ook voldoende financiële middelen. Minstens even belangrijk is werk maken van eerlijke fiscaliteit. Onze belastingen worden jaar na jaar minder efficiënt en minder rechtvaardig. Dat vergroot de kloof tussen rijk en arm steeds meer. Groen verschuift de lasten van arbeid naar grote vermogens en milieu.

Wij bekijken alle dimensies van armoede. Groen wil een armoedetoets voor alle beleidsbeslissingen. Zo wordt de regering verplicht om haar beleid systematisch te evalueren en nauwgezet de impact op armoede op te volgen.

Tot slot blijft werk de beste dam tegen armoede. Wij willen een gepaste job voor iedereen, met bijzondere aandacht voor de meest kansarme groepen zoals migranten, eenoudergezinnen en laagopgeleiden. Zij hebben namelijk een groter risico op armoede, als gevolg van ongelijke kansen. Armoede aanpakken is dus ook discriminatie bestrijden.

Enkele concrete voorstellen uit het verkiezingsprogramma

  • We trekken alle uitkeringen onder de armoedegrens op.
  • Sociale rechten kennen we automatisch toe.
  • We schakelen proactieve rechtenverkenners in. Zij gaan actief op zoek naar mensen die te weinig beschermd zijn en hun rechten niet uitputten.
  • Voor de allerlaagste inkomens maken we de kinderbijslagen voldoende hoog om de minimale kost van elk kind te dekken.
  • We verlagen de lasten op arbeid en concentreren de verlaging bij de laagste inkomens. Werkgevers- en werknemersbijdragen maken we progressief. Vooral voor de laagste inkomens verlagen de loonkosten en verhoogt de koopkracht. Met deze verschuiving helpen we meer mensen aan het werk.
  • We vervangen de huidige lasten op vermogens en transactiebelastingen door één progressieve vermogensrendementsheffing. Door de progressiviteit en een grote vrijgestelde schijf van 1 miljoen euro zullen de meeste gezinnen minder betalen dan vandaag.
  • Overheden en sectoren formuleren streefcijfers voor kansengroepen die het zwaarst zijn ondervertegenwoordigd op de arbeidsmarkt. Ze ondernemen acties om deze streefcijfers te behalen en delen de resultaten ervan. Zo inspireren ze andere overheden en sectoren met succesvolle acties.

[/read]Lees het antwoord van N-VA :[read more]

Kinderen in armoede help je door het gehele gezin te ondersteunen. Armoede is echter niet louter het gebrek aan geldmiddelen maar een netwerk van sociale uitsluitingen dat zich uitstrekt over meerdere levensdomeinen (werk, onderwijs, gezondheid, huisvesting, ontspanning…). Armoede is dus een complex probleem dat een structurele aanpak vereist op meerdere domeinen.

We willen daarbij vooral werk maken van een structureel armoedebeleid dat de onderliggende oorzaken aanpakt. Daarbij moeten we kiezen voor maatregelen die mensen écht vooruithelpen en perspectief geven om zelf hun leven terug in handen te nemen.

We kiezen voor een tweesporenbeleid waarbij we in eerste instantie armoede trachten te voorkomen en we elke persoon in armoede zo goed mogelijk opvangen en ondersteunen om uit armoede te geraken. Dit preventief beleid is belangrijk: het vermijdt dat mensen in een negatieve armoedespiraal terechtkomen, zorgt voor een lagere armoedegraad op langere termijn en efficiëntiewinsten voor de overheid.

Een job is de beste garantie op een duurzame uitweg uit armoede. Kinderen uit gezinnen zonder inkomen uit werk lopen het hoogste risico op armoede en sociale uitsluiting, die vaak van generatie op generatie wordt doorgegeven. Doordat meer mensen actief bijdragen aan onze sociale zekerheid, kunnen we ook solidair zijn met wie dit écht nodig heeft. Meer schouders om onze sociale zekerheid  te dragen verzekeren een sterke sociale bescherming in de toekomst.

De stap naar betaalde arbeid is echter niet voor iedereen meteen mogelijk of haalbaar. Ze missen soms de vereiste competenties of ontbreken het sociale netwerk dat vaak van cruciaal belang is in de zoektocht naar een geschikte job. In deze gevallen is een tijdelijk of definitief beroep op een sociale uitkering noodzakelijk. Deze mensen hebben recht op een sterke sociale bescherming. N-VA wil dan ook de doelmatigheid van de laagste uitkeringen versterken.

[/read]

Lees het antwoord van open VLD :[read more]

Armoede structureel de wereld uithelpen staat of valt met armoede te voorkomen. Een liberaal beleid is gericht op het versterken van individuele kansen en mogelijkheden. Het wegwerken van onvrijheid door ongelijke startkansen is de beste garantie om iedereen een kans te geven om uit te groeien tot een zelfstandig en vrij individu (lange termijn). Vervolgens is én blijft werk hebben in een gezin de enige uitweg uit de armoede (korte termijn). Met een aanpak op lange en korte termijn maken we van het beleid een springplank. En dat is de ambitie van Open Vld. We laten de mensen in armoede niet los. We doen dit niet via een uitkeringsmodel maar proberen ieder – met respect voor zijn of haar situatie – te emanciperen.  Onderwijs biedt kansen om mensen gelijke startkansen te garanderen.  Het kunnen ontwikkelen van je competenties door een aangepaste opleiding verhoogt je kans op werk en verkleint je kansen op armoede. Het ultieme doel van onderwijs moet zijn dat afkomst op geen enkele manier impact heeft op de ontwikkeling van een kind. Om de meeste kansen te hebben op een sterke ontwikkeling, moet een kind zo vroeg mogelijk gestimuleerd worden.  Werk beperkt het armoederisico. Het zoeken naar werk, het engagement om Nederlands te leren, het verkrijgen van erkende competenties of het engagement om zich te (her)scholen speelt allen een activerende rol in het uitkeringsbeleid. Uitkeringen moeten opgetrokken worden maar tegelijk moet een werkloosheidsval vermeden worden. Dat vereist dus een globaal plan en een gezamenlijke aanpak met de verschillende Belgische overheden. We zijn voortrekkers in de strijd tegen onderbescherming. Ongeveer 4,2% van de bevolking maakt vandaag onvoldoende gebruik van de sociale voordelen die voor hen van toepassing zijn. Dit is een omvangrijk cijfer dat de ondoeltreffendheid van het sociaal beleid uitdrukt en ongelijkheden verder in stand houdt. Open Vld gaat voor een aanklampend beleid. Iedere persoon in armoede is gekend hierdoor. Geen verdoken armoede. Open Vld staat voor een beleid dat mensen niet los laat, mensen mogen niet langer ontsnappen tussen de mazen van het net. Ook het Groeipakket (gezinsbijslag) zal het kinderarmoederisico doen dalen. Uit een wetenschappelijk onderbouwde armoedetoets op het volledige pakket blijkt dat het nieuwe voorgestelde systeem het armoederisico zal doen dalen met 1,3 procentpunt op gezinsniveau en 1,5 procentpunt op kindniveau.[/read]

Lees het antwoord van PVDA :[read more] (antwoorden ontvangen op 10 mei 2019)

Wij zijn kwaad als we zien hoe de kloof tussen arm en rijk dieper wordt. Het beleid van de regering duwt de mensen in armoede en het aantal miljonairs bereikt recordhoogten. Dat kan niet blijven duren. Wij strijden tegen de stijgende armoede, in het bijzonder de kinderarmoede is een prioriteit. Enkele maatregelen die wij voorstellen:

  • Iedereen heeft recht op een menswaardig leven.
  • Wij verhogen de inschakelingsuitkering, de sociale uitkeringen tot minimum de Europese armoedegrens. Het recht op een inschakelingsuitkering wordt geïndividualiseerd.
  • De openbare diensten zijn het patrimonium van degenen die er geen bezitten: wij ontwikkelen ze en maken ze zo toegankelijk mogelijk.
  • Wij garanderen de toegang tot energie en stromend water. Niemand wordt afgesloten.
  • We verlagen de huurprijzen. We voeren daartoe een verplicht kwaliteitsrooster in op regionaal niveau, gebaseerd op het gemiddeld inkomen en op de kwaliteit van de woning (het aantal kamers, verwarming, oppervlakte, isolatie …)

[/read]

Lees het antwoord van sp.a :[read more]

Wij maken van investeren in de allerjongsten een prioriteit.

  • We investeren in een perinataal netwerk. Nog voor de geboorte staat een perinataal netwerk klaar om ouders tijdens de zwangerschap te ondersteunen. De samenwerking tussen verschillende diensten die in dit netwerk aanwezig zijn zorgen ervoor dat kwetsbare gezinnen van nabij kunnen opgevolgd worden en de nodige prenatale zorgen krijgen. Op deze manier krijgt het ongeboren kind de beste zorgen om vanaf de geboorte te starten;
  • We hervormen de kinderbijslag, zodat meer middelen georiënteerd worden naar wie het echt nodig heeft. De kinderbijslag is het instrument bij uitstek om kinderarmoede aan te pakken;
  • We zetten in op de vroege detectie van armoede en ongelijkheid. Daarom versterken we preventieve gezinsondersteuning bij alle gezinnen met jonge kinderen, zodat kinderen zich ook in hun thuiscontext maximaal ondersteund en beschermd weten. Het welzijn van het kind is steeds de hoofdzaak;
  • We willen voor elk kind een betaalbare en kwaliteitsvolle kinderopvang garanderen. We zorgen voor meer en beter opgeleide kinderbegeleiders in de kinderopvang: de ratio begeleider/kind brengen we van 1 op 8 naar 1 op 5 en we stellen meer bachelors te werk in de kinderopvang. We koppelen kinderopvang aan preventieve gezinsondersteuning door kinderopvanginitiatieven uit te bouwen tot ontmoetingsplaatsen voor ouders. We zetten erop in om kindbegeleiders en verantwoordelijken praktisch in de mogelijkheid te stellen aan kwaliteitsverbetering te doen en bijscholing te volgen;
  • We voorzien 110.000 extra opvangplaatsen tegen 2030 om een vergelijkbare participatie te hebben als in het kleuteronderwijs. We stimuleren actief dat kinderen naar de kinderopvang worden gebracht;
  • We voeren het recht op kosteloze kinderopvang in voor elk kind. Gedurende het eerste levensjaar heeft elk kind vanaf zes maanden recht op één dag kosteloze kinderopvang per week. In zijn tweede levensjaar worden dat twee dagen kosteloze kinderopvang per week. We verlagen bovendien de algemene kostprijs door alle kinderopvangplaatsen inkomensgerelateerd te maken. We verlagen opnieuw de minimumtarieven voor kansen- en voorrangsgroepen en schrappen de bestaande respijtdagen-regeling in geval van ziektedagen, gezinsverlof of uit noodzaak bij atypische werkuren.
  • Bij elke vorm van opvang of leerplichtonderwijs voorzien we daarom gratis, gezonde, duurzame maaltijden. Als alle kinderen in de kinderopvang en op school gezond kunnen eten, dan draagt dat bij tot hun ontwikkeling en tot gelijke kansen.

[/read]

Lees het antwoord van Vlaams Belang :[read more]

In de steden kennen we de zichtbare concentratie van bestaansonzekerheid, maar de echte armoede in Vlaanderen blijft vaak verborgen. Armoede leeft overal, ook op het platteland.  Bepaalde doelgroepen worden geconfronteerd met een hoger armoederisico: ouderen, langdurig zieken, alleenstaanden, eenoudergezinnen, werkloze gezinnen, huurders en personen van vreemde afkomst.

Het armoedebeleid van minister Homans mist slagkracht. Het voornemen van de Vlaamse Regering om het aantal mensen onder de armoederisicodrempel in Vlaanderen te laten zakken met 30% tegen 2020 zal alvast niet worden gehaald.

Arm zijn, maakt ongezond en ongezond zijn, maakt arm. De kosten voor onze gezondheidszorg blijven stijgen. Dit heeft voor gevolg dat meer mensen dringende noodzakelijke gezondheidszorgen uitstellen.

Een politiek die armoede wil bestrijden moet niet alleen mensen uit de armoede halen, maar moet ook zorgen dat bestaansonzekeren niet in de armoede vallen. Tewerkstelling is de beste basisbescherming tegen armoede.

Er moet komaf gemaakt worden met de geïmporteerde armoede die zich vaak nestelt in de hangmat van onze sociale zekerheid. Het Vlaams Belang wil niet dat er nog gefocust wordt op de gekleurde armoede.

De kostprijs van zorg mag geen hinderpaal zijn voor mensen die zorg nodig hebben. Een beroep moeten doen op zorg mag ook niet leiden tot armoede. Meer dan ooit is er nood aan een degelijk uitgebouwde sociale bescherming. Een reële maximumfactuur is hierbij geen overbodige luxe.

Het Vlaams Belang wil tegen huisjesmelkerij een actief opsporings- en vervolgingsbeleid voeren. Het aantal wooninspectiecontroles moet toenemen en het bestaande wettelijke arsenaal tegen huisjesmelkerij – zoals herstelvordering, terugvordering herhuisvestingskosten en sociaal beheersrecht – moet nog meer worden toegepast.

Concreet:

  • De uitkeringen moeten worden opgetrokken tot de armoedegrens. Dit geldt voor alle Vlamingen en vreemdelingen die hier minimum acht jaar verbleven en drie jaar gewerkt hebben.
  • Het Vlaams Belang wil dat de sociale diensten actief op zoek gaan naar armoede. Zij moeten rechthebbenden wegwijs maken in de dienstverlening.
  • Premies en tegemoetkomingen moeten automatisch worden toegekend.
  • Bij uitkeringen zoals het leefloon hoort persoonlijke begeleiding. Zonder deze begeleiding dreigt de werkloosheidsval en riskeren mensen in een sociale hangmat terecht te komen.
  • Er moeten meer wooninspecties uitgevoerd worden in panden waarvan vermoed wordt dat ze niet beantwoorden aan de minimumnormen van de Vlaamse wooncode.
  • Er moet ruchtbaarheid gegeven worden aan de minimale kwaliteitsnormen voor woningen. Huurders moeten worden aangemoedigd schendingen te melden.

[/read]

Terug naar overzichtspagina