Migranten-en vluchtelingen
kinderen aan het woord

Hun ervaringen en hun rechten in België, in hun land van herkomst en onderweg.

Het was geen keuze: België of Syrië. Er waren problemen in Syrië. Er heerste onveiligheid en er was oorlog. We riskeerden ons leven. We moesten vluchten, een nieuw leven beginnen, een toekomst opbouwen. Vluchten. Te voet, per boot of met een vrachtwagen grenzen oversteken. Het hoofd bieden aan geweld. Aankomen in België, asiel aanvragen, op adem komen, in een opvangcentrum verblijven, spelen, maar ook omgaan met eenzaamheid, ongewenst gedrag en de eindeloze procedure.

De woorden zijn van een 17-jarig Syrisch meisje dat zelf al mama van een kleine baby is en het allemaal meemaakte. Zij vertelde over haar vlucht en over de angst en de pijn die zij voelde, net als de 169 andere migranten- en vluchtelingenkinderen die we in het nieuwe  ‘What do you think’-rapport aan het woord laten.

170 kinderen.
36 nationaliteiten.
66 meisjes.

Al deze kinderen getuigden over het unieke traject dat ze aflegden en beschreven hun ervaringen maar ook hun dromen. Zij werden al te vroeg uit hun onbezorgde kindertijd gehaald en waren verplicht om hun land te verlaten. Sommigen alleen, anderen samen met hun familie. Een aantal van hen raakte door deze vlucht ook gescheiden van hun familie. Ze zijn nog zo jong en ze hebben al duizend levens geleid.

Vandaag wonen deze kinderen in België.
Het ‘What Do You Think’-rapport in het Nederlands
The’What Do You Think’report in English

De videoboodschappen van de jongeren over hun ervaringen en hun wensen voor kinderen in hun land van herkomst:

What Do You Think?

What Do You Think? is een participatieproject. Twee jaar lang verzamelde een team van UNICEF België de getuigenissen van deze kinderen in opvangcentra en scholen. Voor dit rapport bundelden we de ervaringen en standpunten van deze kinderen in de onbewerkte versie in één document dat uitgebreid bij hun wedervaren stilstaat. Deze getuigenissen zijn niet alleen als documentatiemateriaal bedoeld. Helemaal niet.

Met dit rapport willen we een brug slaan tussen de woorden van deze jongeren, die erg gebrand zijn op participatie en de beleidsmakers die vaak ver van hun realiteit af staan. Uit hun woorden distilleren we zeer ernstige en precieze aanbevelingen om de rechten van migranten- en vluchtelingenkinderen te verbeteren.

Enkele opvallende details uit de verzamelde getuigenissen:

Over het herkomstland:

Ik hou niet van het oorlogsgeweld. De kinderen zijn altijd bang om naar school te gaan omdat het oorlog is.  – MEISJE, 15 JAAR, SYRIË

Heel wat vluchtelingenkinderen werden blootgesteld aan oorlog en onveiligheid. Anderen kregen te maken met geweld en discriminatie, ongelijkheid en armoede. In haast alle gevallen is hun vlucht een traumatische ervaring. De verhalen van de kinderen die voor de oorlog vluchtten, zijn ijzingwekkend. Ze vertelden over de dood, de gedwongen vlucht, kinderarbeid, verkrachting, gedwongen rekrutering, gescheiden worden van hun familie, de honger en de alomtegenwoordige angst. Vele kinderen klaagden ook de discriminatie aan op grond van godsdienst, etnische afkomst, gender of sociale status. Enkele meisjes vertelden hoe ze werden besneden of uitgehuwelijkt. De meeste kinderen hadden het ook over ongelijkheid en corruptie. Ze richtten zich rechtstreeks tot ons omdat in vele landen ‘een arm kind van geen tel is’.

Over de vlucht:

Opgelet, het is een zeer gevaarlijke weg. Ik zou hen zeggen om uit te kijken voor smokkelaars die gewelddadig zijn en je geld afnemen. – JONGEN, 15 JAAR, AFGHANISTAN

Op de vlucht werden de kinderen blootgesteld aan misbruik en uitbuiting. Ze vertelden over het geweld van de mensenhandelaars en smokkelaars die hen soms mishandelden of dwongen om te werken. Ze hadden het over de lijken die ze onderweg zagen. Tijdens de reis raakten sommige kinderen gescheiden van hun ouders, broers en zussen. De niet-begeleide kinderen leden onder het feit dat ze hun familie niet konden zien. Ze hadden vaak weken- of maandenlang alleen door landen zoals Libië gereisd waar onveiligheid en afpersing schering en inslag zijn. Zij waarschuwden: onderweg liggen dood, verkrachting, aanhouding en uitbuiting van kinderen op de loer. Sommigen gingen zelfs zo ver dat ze andere kinderen afraadden om zich aan zo’n avontuur te wagen.

Aankomst in België:

De verhoopte veiligheid

Je hebt heel wat voordelen in België. We zijn hier veilig en we hebben onze toekomst gered. – JONGEN, 18 JAAR, AFGHANISTAN

Na alle beproevingen konden de kinderen op adem komen. Toen ze in België aankwamen, voelden de jonge vluchtelingen zich opgelucht. Hier waren ze veilig. Ze associeerden België vaak met vrijheid en bescherming. Het land waarnaar ze gevlucht zijn, is voor hen het land van de hoop: hoop op een beter leven, hoop om zich in de toekomst te kunnen ontplooien, hoop om naar school te gaan. De kans op een toekomst wordt reëel. Sommigen waardeerden het dat België een land is met wetten en rechten voor ALLE kinderen, inclusief meisjes en minderheidsgroepen. Verder beklemtoonden ze ook allemaal hoe blij ze zijn omdat ze recht hebben op onderwijs. Sommigen legden veeleer de klemtoon op de toegang tot gezondheidszorg en de bescherming tegen mishandeling. Maar bovenal stonden ze zichzelf toe om eindelijk weer te dromen.

De procedure

Ik kan me niet concentreren op mijn studies. Niet weten wat er na de procedure met mij zal gebeuren, is als een zware last die op me drukt. – JONGEN, 17 JAAR, MAROKKO

Uiteraard is het in België niet allemaal rozengeur en maneschijn voor deze jonge migranten. Ondanks de rust en de bescherming die ze hier ervaren, voelden sommigen zich ook bedrukt door de onvoorspelbaarheid van de procedures die soms eindeloos aanslepen, die hen beletten om plannen te maken en hun al zo broze veiligheidsgevoel ondermijnen. Zullen ze kunnen blijven? Zullen ze moeten terugkeren naar hun land van herkomst? Deze emotionele belasting versterkt de trauma’s die aan de vlucht en de ervaringen in hun land van herkomst verbonden zijn.

De vluchtelingenkinderen verwezen ook naar het gebrek aan begeleiding door voogden en advocaten. Ze betreurden dat tolken slechts sporadisch worden ingezet of niet altijd betrouwbaar blijken te zijn.

De familie

Kinderen voelen zich veilig bij hun familie. Het is een thema dat vaak terugkomt bij de kinderen.

  • Kinderen die hier met hun ouders wonen, zijn blij dat ze worden vergezeld door hun familie. Ze betreuren soms één van hun ouders (vader, moeder of grootouder).
  • Niet-begeleide kinderen betreuren de afwezigheid van beide ouders. Ze missen hun moeder en vader. Ze willen graag iemand hebben die hen ondersteunt, die naar hen luistert, die dagelijks voor hen zorgt: een vader of een moeder die op hen wacht wanneer ze thuiskomen van school, die hen vraagt ​​hoe hun dag verlopen is, die hen een goede maaltijd bereidt. Een ouder die hen geruststelt als ze het moreel niet hebben, waardoor ze niet bang hoeven te zijn voor morgen en hen kunnen helpen bij het stellen van grenzen en regels.
  • Kinderen willen herenigd worden met hun gezin en hebben de mogelijkheid om in contact te blijven met hun familie. Ze willen ook graag een vertrouwde persoon om zich heen hebben.


De opvangcentra

De meeste kinderen die aan What Do You Think? meewerkten, gingen van opvangcentrum naar opvangcentrum. Ze vonden dat deze verhuizingen hen in het geheel niet geholpen hebben en integendeel, hun integratie-inspanningen teniet deden. Over één ding waren alle jongeren het eens: allemaal hadden ze kritiek op de grote opvangcentra. Die zijn niet geschikt om kinderen goed op te vangen.

Minderjarige alleenstaande moeders

In het What Do You Think- rapport besteden we bijzondere aandacht aan de getuigenissen van alleenstaande jonge moeders. Zij zijn extra  kwetsbaar omdat diverse factoren die tot kwetsbaarheid bijdragen, in hun geval samenvallen: ze zijn minderjarig en alleen, het zijn jonge moeders, ze moeten het zonder familie stellen en ze bevinden zich ver van hun land van herkomst. Het leven in de grote opvangcentra is niet op deze jonge moeders afgestemd.

Het is moeilijk om geen huis te hebben als je een baby hebt. Het centrum is niet aangepast aan kinderen: het sanitair, de maaltijden, … Het zou goed zijn om alleen in een flat te wonen, alleen voor mij en mijn baby. Ik wil de taal leren, een nieuw leven beginnen, een job vinden. Maar ik moet wachten want het is zomer en dan is er twee maanden [geen school]. Vijf jaar lang, in Turkije en in Griekenland, ben ik niet naar school gegaan. – MAMA, 16 JAAR

Het ‘What Do You Think’-rapport in het Nederlands
The’What Do You Think’report in English

Aanbevelingen van de kinderen

De studie heeft twee soorten aanbevelingen: die van de kinderen zelf en die van UNICEF. Die van kinderen betreffen vooral hun leven in België en de noodzaak om te handelen op de volgende gebieden:

  • De procedure: een procedure gelimiteerd in de tijd hebben en profiteren van een betere begeleiding van de voogd en de advocaat. Betere informatie bij aankomst.
  • De familie: herenigd worden met de eigen familie of de mogelijkheid hebben om contact met hen te houden. Ze willen graag relaties opbouwen met mensen die ze vertrouwen
  • Het opvangcentrum: behoefte aan rust, rust, veiligheid en attente gidsen. Meer kleine units of gastgezinnen voor alleenstaande kinderen, alternatieven voor gezinnen.
  • School en recreatie: meer ondersteuning voor kinderen die zijn gestopt met school en degenen die aan het einde van het schooljaar aankomen. De mogelijkheid om een sport of een vrijetijdsbesteding te doen. Belgische vrienden maken.
  • Alleenstaande minderjarige moeders: een op maat gemaakte begeleiding voor jonge meisjes die bijzonder kwetsbaar zijn omdat ze moeders, minderjarigen en alleen zijn, zonder familie.

Aanbevelingen van UNICEF België

De aanbevelingen van UNICEF zijn breder en richten zich zowel op de rechten van kinderen in België (en Europa), onderweg en in de landen van herkomst van kinderen:

  •  Luister naar de stem van migranten- en vluchtelingenkinderen.
  • Bescherm migranten- en vluchtelingenkinderen, vooral niet-begeleide kinderen, tegen uitbuiting en geweld
  • Maak een einde aan de detentie van kinderen die de status van vluchteling willen of migreren door verschillende praktische alternatieven in te voeren
  • Behoud de integriteit van gezinnen – de beste manier om kinderen te beschermen en hen een legale status te geven.
  • Zorg voor de voortzetting van het onderwijs voor alle migranten- en vluchtelingenkinderen en geef hen toegang tot gezondheidsdiensten en andere kwaliteitsdiensten
  • Neem maatregelene om de basisoorzaken van grootschalige vluchtelingenstromen aan te pakken
  • Bevorder maatregelen ter bestrijding van xenofobie, discriminatie en marginalisering in landen van transit en bestemming.

Het ‘What Do You Think’-rapport in het Nederlands
The’What Do You Think’report in English

‘Aba’ door SLM en Sparrow

We hebben gezocht naar een creatieve manier om het rapport kenbaar te maken. Iets dat het unieke karakter van dit rapport vatte, maar vooral iets dat de stem van de kinderen nog verder zou uitdragen. Zo kwam er  een opvallende samenwerking tot stand  tussen UNICEF België en de hiphopgroep SLM en Sparrow van de groep Soul Art. Zij vatten in hun unieke song ‘Aba’ de kracht, hoop en moed van de kinderen die in het rapport aan het woord komen perfect samen. Maar ook de eenzaamheid, het geweld en de uitzichtloosheid die een kind voelt wanneer het gedwongen wordt zijn thuisland te verlaten.

Zet je in voor migranten- en vluchtelingenkinderen in België