Trefwoorden

Report Card 16: Kinderen in de rijkste landen ter wereld worstelen met lees- en rekenvaardigheid, mentaal welzijn en obesitas.

Zelfmoord, ziekte, zwaarlijvigheid en slechte sociale en academische vaardigheden zijn maar al te vaak voorkomende kenmerken van de kindertijd in rijke landen geworden, volgens het laatste rapport van het UNICEF Innocenti Research Center.

De 20 jaar oude “Innocenti Report Card” reeks van UNICEF gebruikt vergelijkbare nationale gegevens om EU- en OESO-landen te rangschikken inzake kinderwelzijn. “Worlds of Influence: Inzicht in wat het welzijn van kinderen in rijke landen vormgeeft”, gebruikt pre-COVID-19-gegevens om EU- en OESO-landen te rangschikken volgens de mentale en fysieke gezondheid van kinderen en hun academische en sociale vaardigheden. Op basis van deze indicatoren behoren Nederland, Denemarken en Noorwegen tot de top drie van beste plaatsen om een kind te zijn onder rijke landen.

“Veel van de rijkste landen ter wereld – die de middelen hebben om iedereen een goede jeugd te bezorgen – hebben hun kinderen in de steek gelaten”, zegt Gunilla Olsson, directeur van UNICEF Innocenti. “Tenzij regeringen snel en vastberaden actie ondernemen om het welzijn van kinderen te beschermen als onderdeel van hun reacties op de pandemie, kunnen we verwachten dat de kinderarmoede stijgt, de geestelijke en lichamelijke gezondheid van kinderen verslechtert en een vaardigheidskloof toeneemt. Reacties op COVID-19 om gezinnen en kinderen te ondersteunen, zijn helaas ontoereikend. Er moet meer worden gedaan om kinderen een veilige en gelukkige jeugd te bieden – en dat moet nu gebeuren! “

Belangrijkste conclusies:

Geestelijke gezondheid: in de meeste landen geeft minder dan vier vijfde van de kinderen aan tevreden te zijn met hun leven. Turkije heeft de laagste tevredenheid over het leven (53%), gevolgd door Japan en het VK. Kinderen die gezinnen hebben die minder steun bieden en die het slachtoffer zijn van pesten, hebben een aanzienlijk slechtere geestelijke gezondheid.

Litouwen heeft het hoogste zelfmoordpercentage onder tieners – een belangrijke doodsoorzaak onder 15-19-jarigen in rijke landen – gevolgd door Nieuw-Zeeland en Estland. In België bedraagt ​​het zelfmoordcijfer onder jongeren van 15 tot 19 jaar 6,1 per 100.000.

Lichamelijke gezondheid: het aantal gevallen van zwaarlijvigheid en overgewicht bij kinderen is de afgelopen jaren toegenomen. Ongeveer 1 op de 3 kinderen in alle landen lijdt aan obesitas of overgewicht, en ook in Zuid-Europa stijgt het percentage sterk. In België lijdt 24% van de kinderen en adolescenten aan overgewicht of obesitas. In meer dan een kwart van de rijke landen ligt de kindersterfte nog steeds boven de 1 op 1000.

Vaardigheden: Gemiddeld heeft 40% van de kinderen in alle OESO- en EU-landen geen basisvaardigheden voor lezen en rekenen op de leeftijd van 15 jaar. Bulgaarse, Roemeense en Chileense kinderen zijn het minst bedreven in deze vaardigheden. Estland, Ierland en Finland zijn het meest bekwaam. In België beschikt 31% van de kinderen niet over deze basisvaardigheden. In de meeste landen heeft minstens 1 op de 5 kinderen geen vertrouwen in hun sociale vaardigheden om nieuwe vrienden te maken. Kinderen in Chili, Japan en IJsland hebben het minste vertrouwen op dit gebied.

Het rapport bevat ook gegevens over duidelijke vooruitgang in het welzijn van kinderen. Gemiddeld neemt 95% van de kleuters nu deel aan georganiseerde leerprogramma’s en het aantal jongeren tussen de 15 en 19 jaar dat geen onderwijs volgt, geen werk of geen opleiding volgt, is in 30 van de 37 landen afgenomen. Toch dreigen deze aanzienlijke winsten af ​​te nemen door de impact van COVID-19.

Het rapport rangschikt landen ook op basis van beleid dat het welzijn van kinderen en andere factoren ondersteunt, waaronder de economie, de samenleving en het milieu. Noorwegen, IJsland en Finland scoren het hoogst op beleid en context die het welzijn van kinderen ondersteunen. Turkije, Mexico en Griekenland scoren het slechtst. België staat op de 24e plaats in deze ranglijst, van de 41 geanalyseerde landen. Landen geven gemiddeld minder dan 3% van hun BBP uit aan gezins- en kinderbeleid.

In tijden van crisis en rust hebben gezinnen samenhangende regeringen en werkplekken nodig om de volgende generatie gelukkige en gezonde burgers groot te brengen“, aldus Fayaz King, Adjunct uitvoerend directeur van UNICEF. . “Een investering in kinderen is een directe investering in onze toekomst.”

Als gevolg van de uitbraak van COVID-19 sloten de meeste landen waarop het rapport betrekking heeft in de eerste helft van 2020 scholen voor meer dan 100 dagen, terwijl er ook een strikt thuisbeleid werd geïmplementeerd. Uit de analyse blijkt dat verlies van familie en vrienden, angst, lockdown, gebrek aan ondersteuning, sluiting van scholen, evenwicht tussen werk en privéleven, slechte toegang tot gezondheidszorg, gecombineerd met het economische verlies als gevolg van de pandemie rampzalig zijn voor het welzijn van kinderen en zorgen voor een aantasting van hun mentale en fysieke gezondheid en ontwikkeling.

Vóór de COVID-19-pandemie bedroeg het gemiddelde relatieve kinderarmoedecijfer in de 41 landen 20%. Zonder onmiddellijke corrigerende maatregelen zal dit stijgen.

Naarmate de economische, educatieve en sociale gevolgen van de pandemie zich blijven verderzetten, zal er een verslechterende en verwoestende impact zijn op het welzijn van kinderen, hun gezinnen en de samenlevingen waarin ze leven. ”zei Gunilla Olsson. “Maar deze risico’s mogen geen realiteit worden als regeringen nu beslissende maatregelen nemen om het welzijn van kinderen te beschermen.”

Op basis van het rapport en deze recente ontwikkelingen roept UNICEF op tot de volgende stappen om het welzijn van kinderen te beschermen en te verbeteren:

  • Daadkrachtige maatregelen nemen om inkomensongelijkheid en armoede te verminderen en ervoor zorgen dat alle kinderen toegang hebben tot de middelen die ze nodig hebben.
  • Snel de ernstige kloof aanpakken in de geestelijke gezondheidszorg voor kinderen en adolescenten.
  • Gezinsvriendelijk beleid uitbreiden om het evenwicht tussen werk en gezin te verbeteren, met name toegang tot hoogwaardige, flexibele en betaalbare kinderopvang voor jonge kinderen.
  • De inspanningen versterken om kinderen te beschermen tegen ziekten die voorkomen kunnen worden, zoals vaccinatie tegen mazelen.
  • Verbetering van het COVID-19-beleid dat gezinnen met kinderen ondersteunt en ervoor zorgen dat budgetten die het welzijn van kinderen ondersteunen volledig worden beschermd tegen bezuinigingsmaatregelen.

In België

In België is de gezondheid van kinderen, inclusief de geestelijke gezondheid, zorgwekkend. België staat op de 17e plaats voor de geestelijke gezondheid van kinderen, met een zelfmoordcijfer onder jongeren van 6,1 per 100.000 adolescenten. Op het vlak van gezondheidsbeleid bezet België de 32e plaats op de ranglijst met 85% van de kinderen die tegen mazelen zijn ingeënt en 6,7% van de kinderen die met een laag gewicht worden geboren.

Nog een zorg: kinderarmoede en beleid voor sociale bescherming. België bekleedt de 29e positie wat kinderarmoede betreft, met 20,6% van de kinderen die in een huishouden leven met een inkomen van minder dan 60% van het gemiddelde (dwz 1 op de 5 kinderen). Zonder onmiddellijke corrigerende maatregelen zal dit percentage toenemen. België neemt ook een zeer slechte positie in op het gebied van sociaal beleid (positie 32), met een zeer laag percentage zwangerschaps- en vaderschapsverlof vergeleken met het gemiddelde van andere rijke landen.

Op het vlak van onderwijs scoort ons land goed (10e op de ranglijst) met een kleuterklaspercentage van 98,4%. Toch staan ​​we nog steeds voor enorme uitdagingen op het gebied van onderwijs en gelijke kansen op school. Met COVID-19 zijn duizenden kinderen verstoken van school, speelmogelijkheden en sociaal contact. Eerdere crises hebben ons laten zien dat sommige kinderen nooit zullen herstellen van dit verlies.

Daarom lanceerde UNICEF België vorige week de campagne “#ZinInSchool“. Deze campagne benadrukt dat het recht op onderwijs een grondrecht is voor ieder kind voor, tijdens en na een crisis.

Omdat school de impact van COVID-19 op kinderen kan verkleinen, kinderen in kwetsbare situaties beschermt en ongelijkheden helpt verminderen, is het noodzakelijk dat kinderen naar school gaan. Meer dan ooit is het essentieel om te investeren in kwaliteitsonderwijs voor ieder kind ”, zegt Dirk Jacxsens, algemeen directeur van UNICEF Belgë.


Over het UNICEF Innocenti Research Center

Het Innocenti Research Center is het onderzoekscentrum van UNICEF. Het doet onderzoek naar opkomende of actuele kwesties mbt het welkzijn van kinderen en jongeren om strategieën, beleidslijnen en programma’s van UNICEF en zijn partners te informeren, mondiale debatten over kinderrechten en ontwikkeling vorm te geven en input te geven voor de wereldwijde onderzoeks- en beleidsagenda voor alle kinderen,en met name de meest kwetsbare.  www.unicef-irc.org


Lees het volledige rapport