Trefwoorden

Het niemandsland waar migrantenkinderen iemand anders’ probleem zijn

Een toenemend aantal migrantenkinderen wordt uitgezet naar Niger, doordat Europese en Noord-Afrikaanse landen de grenzen verstrengen om migratie tegen te gaan. Deze kinderen lopen enorme risico’s en worden onvoldoende beschermd.

In Agadez, een plek onder de schroeiende zon waar een droge, stoffige wind blaast, kunnen de temperaturen oplopen tot 45°. De regio staat bekend om haar uranium- en zoutmijnen, maar is ook berucht geworden als de laatste halte voor migranten en vluchtelingen voor ze naar Europa of naar Algerije en Libië worden gesmokkeld.

Zicht op Agadez en de Sahara – © UNICEF/UN0209729/Gilbertson VII Photo

Eens was Agadez de migratiehoofdstad van Afrika, een kruispunt van rondtrekkende mensen, een bruisend zakencentrum voor smokkelaars, waar langs de bermen handeltjes floreerden in sjaals en zonnebrillen om de helse reis te maken, en waar mensenhandelaars hun menselijke waar opwachtten. De autoriteiten knepen er een oogje dicht.

De grote moskee in Agadez, Niger – © UNICEF/UN0209672/Gilbertson VII Photo

Nu Europa en Noord-Afrika hun grenzen hebben verscherpt en hun havens hebben gesloten om migratie binnen de perken te houden, is deze onwaarschijnlijke plek de nieuwe zuidelijke grens van Europa geworden.

Een voormalige smokkelaar, Dan Adler, die zijn lucratieve handel zag verpulveren in het woestijnzand door de  plotse maatregelen, vertelde ons:

“Er zijn zoveel doden omdat er duizenden routes zijn. Als je GPS hapert is het met jou gedaan! Het is onmogelijk om de weg terug te vinden.”

Op zee zijn er tenminste kustwachten. Niemand patrouilleert in de uitgestrekte en dodelijke zee van zand.

Een transit centrum voor migranten die vanuit Algerije zijn teruggestuurd naar Agadez, Niger. – © UNICEF/UN0209663/Gilbertson VII Photo

Niger is een van de armste landen ter wereld en heeft het zwaar te verduren door het ‘uit het oog uit het hart’-beleid van rijkere landen die van migratie een probleem van anderen maken. Het zijn de kinderen die hiervoor de hoogste prijs betalen, doordat er weinig of geen voorzieningen zijn om hun veiligheid te garanderen.

Vrouwen en kinderen in een tent in een transitcentrum voor migranten in Agadez, die gedwongen werden teruggestuurd vanuit Algerije.

UNICEF-teams ontmoetten verschillende vrouwen met zeer kleine kinderen, waaronder een pasgeboren baby, die in Niger waren gestrand. De meesten hadden lange afstanden te voet afgelegd in extreme hitte, zonder onderdak of water.

Minstens een derde van de bijna 500 mensen die hier dagelijks aankomen zijn kinderen. Het echte cijfer ligt waarschijnlijk hoger, omdat velen van hen ongeregistreerd blijven. Ze zijn veelal uitgeput en krijgen te maken met geweld.

Arouna Nouhou, 11 jaar in een tent voor vrouwen en kinderen in een transitcentrum voor migranten  in Agadez, die gedwongen werden teruggestuurd uit Algerije. –
© UNICEF/UN0209664/Gilbertson VII Photo

Een van hen is Arouna Nouhou, 11 jaar, uit Arlit, Niger. Arouna werd met geweld naar huis gestuurd vanuit Algerije. Haar moeder vertelt dat ze sindsdien weigert te spreken en te eten. Ze is ernstig getraumatiseerd sinds ze werd achtervolgd door de Algerijnse autoriteiten en gedwongen om Algerije te verlaten, waar ze ingezet werd als bedelaar.

Drie VN-agentschappen – UNHCR, IOM en UNICEF – hebben hun respons in Niger opgevoerd, maar toch vallen er te veel mensen door de mazen van het net.

© UNICEF/UN0209685/Gilbertson VII Photo

“We zien een enorme toename van niet-begeleide kinderen. Bovendien gebruiken ze nu routes waar ze niet kunnen worden gevolgd, maar die veel gevaarlijker zijn,” legt Dan Rono uit, specialist kinderbescherming bij UNICEF. “Voor een volwassene is het al een zware reis, voor een 11-jarige is het bijna onmogelijk.”

Veel kinderen op de route naar en in Libië worden het slachtoffer van mensenhandel, uitbuiting, geweld en detentie. Er wordt te weinig gedaan om deze kinderen, die van land naar land reizen, over de grenzen heen te beschermen.

Moussa Ab Babikir, 10 jaar, is een van de kinderen die verborgen gaat achter de statistieken. Hij vertrok in zijn eentje uit Soedan om de oorlog te ontvluchten. Zijn ouders vertelde hij niet dat hij zou vertrekken. Hij hoopte Libië te bereiken en er werk te vinden. Toen hij daar aankwam werd hij gekidnapt en werd hij gedwongen te werken. Alles wat hij wil is een veilig leven en naar school kunnen gaan.

Wat doet UNICEF?

Een jongen in een door UNICEF gesteunde gemeenschapsschool in Agadez, Niger – © UNICEF/UN0209676/Gilbertson VII Photo

  • UNICEF doet zijn best  om gezinnen weer bij elkaar te brengen, om kinderen onderwijs te geven, en ervoor te zorgen dat zij de meest essentiële sociale voorzieningen krijgen.
  • Samen met UNHCR en IOM, werkt UNICEF met de autoriteiten in Niger om kinderen bij hun families terug te brengen en ondersteunt UNICEF research om kinderen naar een veilige plek in een ander land te brengen, vooral kinderen uit Eritrea en Somalië die uit Libië geëvacueerd zijn.
  • Ook helpt UNICEF kinderen met psychologische hulp om opgelopen trauma’s te verwerken.

De komende maanden zal UNICEF ambulante welzijnscentra  opzetten waar alleenreizende kinderen, kinderen die onderweg hun familie zijn kwijtgeraakt en kwetsbare gezinnen hulp kunnen krijgen Op deze plekken kunnen ze praktische benodigdheden krijgen, medische hulp en steun om contact te leggen met hun familie.

UNICEF vraagt extra aandacht voor deze kinderen

Daoussiya (in het rood), wordt herenigd met haar mama (gele sluier) nadat ze vier maanden geleden tegen de wil van haar moeder naar Algerije vertrok om er samen met haar vader te gaan bedelen.  – © UNICEF/UN0209724/Gilbertson VII Photo

UNICEF roept op om maatregelen te nemen om de veiligheid van deze kinderen te garanderen:

  • Vluchtelingen – en migrantenkinderen moeten over de grenzen heen beschermd worden
  • Autoriteiten aan de grens moeten alert zijn op kwetsbare kinderen
  • Kinderen moeten toegang krijgen tot opvang onderwijs, gezondheidzorg en jeugdzorg.
  • Daarnaast moeten de grondoorzaken waarom kinderen migreren worden aangepakt, zoals armoede, geweld en gebrek aan onderwijs.

‘De kinderen die in Niger stranden hebben niet alleen nu dringend hulp nodig, maar ook steun op de langere termijn’, aldus Ted Chaiban, hoofd programma’s van UNICEF. ‘Ze hebben meer informatie nodig om de juiste keuzes te kunnen maken, en ze hebben hulp nodig om eventueel terug naar huis te keren, als dat mogelijk is, of naar een ander land. Voor de kinderen die niet naar huis kunnen terugkeren, moeten andere landen een veilige plek bieden. De kinderen die in Niger zijn gestrand kijken naar ons allemaal voor een duurzame oplossing.’

Blijf op de hoogte van onze activiteiten in België en in de wereld